Posts tonen met het label beeldvorming. Alle posts tonen
Posts tonen met het label beeldvorming. Alle posts tonen

maandag 9 maart 2020

Euforie (of nie)

Een essay over 75 jaar vrijheid

Het vrijheidsgeluid gonst al geruime tijd oorverdovend rond in vrijwel alle media. Je kunt er niet omheen. Zwart-wit beelden van met vlaggetjes wapperende, juichende mensen langs passerende tanks, foto's van breed lachende soldaten, blije bakvissen en verlegen kindersnoetjes. Het zijn beelden die getuigen van euforie na vijf jaar ellende. Ellende die voor Joden, Roma, Sinti, zieken, gehandicapten en bejaarden later aanzienlijk groter bleek te zijn. Het is ellende waarvan al die blije Hollandse gezichten op het moment dat ze op film werden vastgelegd nog geen weet hadden. Media, censuur en propaganda: a deadly combination, fake news avant la lettre. 

Grote afwezige in de media is tot nu toe de Tweede Wereldoorlog 'aan de overkant', die voormalig Nederlands-Indië in zijn greep hield. Media focussen voornamelijk op de dekolonisatieoorlog, maar die kwam toch echt pas nadat de capitulatie van Japan een feit was, waarmee officieel een einde aan de Tweede Wereldoorlog kwam. Oorlog is oorlog, of niet? Kunnen we als nazaten van de voormalige kolonie wel 'vrijheid' vieren?

De overkant
Van euforie was aan 'de overkant' van het koninkrijk, in Nederlands-Indië, geen sprake. In Zuidoost-Azië ging men nog gebukt onder Hitlers bondgenoot Japan. De datum 5 mei 1945 was niet anders dan die van de drie voorgaande jaren. Terwijl het bevrijdingsfeest in Nederland losbarstte, zaten landgenoten in Nederlands-Indië nog steeds gevangen in concentratiekampen, verspreid over de Indische archipel en de rest van Azië. Onder erbarmelijke omstandigheden moest men proberen ziekte en mishandeling te overleven. Was je erin geslaagd buiten de kampen te blijven, dan was je je leven ook niet zeker. Nee, euforie was niet aan de orde.

Ook niet toen Japan capituleerde op 15 augustus 1945. Twee dagen later proclameerde Soekarno onder druk van jonge onafhankelijkheidsstrijders de republiek Indonesië. Euforie? Ehm, nee, wel Bersiap! Een ware volkswoede brak uit die zich met name richtte op Indo's, Molukkers, Chinezen en andere etnische groepen. De bersiap mondde uit in slachtpartijen op duizenden mannen, vrouwen en kinderen. Deze gruwelijke periode is bij het gros van de Nederlanders onbekend. Het onderwijs laat qua koloniale geschiedenis helaas veel te wensen over. Het is dan ook hoog tijd dat het curriculum wordt aangepast. We kunnen ons beter op eerlijker onderwijs concentreren, in plaats van met elkaars egootjes en plein public te bakkeleien over vier voorbije eeuwen waar we toch niets meer aan kunnen veranderen zonder teletijdmachine. 

In het verlengde van de Tweede Wereldoorlog
De daaropvolgende jaren werden voorgoed getekend door de slachtoffers van de dekolonisatieoorlog - aan beide zijden, waarbij Nederlands militair ingrijpen uiteindelijk de meeste slachtoffers op het geweten had in een vergeefse poging om het winstgevende paradepaardje van de Nederlandse kolonies te behouden. Nederland boog uiteindelijk in 1949 voor de internationale druk, maar bleef een vinger in de rijstepap van Nieuw-Guinea houden tot 1962. Ook ver na de Tweede Wereldoorlog bleven het roerige, angstige tijden, met name voor degenen die zo lang mogelijk op hun geliefde geboortegrond trachtten te blijven. Dat laatste wordt nogal eens vergeten.

Vrijheid is relatief
Wat vrijheid is voor de één, is dat niet altijd voor de ander. Kolonialisme is nooit goed te praten. NOOIT, met hoofdletters. Het systeem was door en door rot, racistisch en wreed. Elk weldenkend mens die zich in de geschiedenis van de archipel verdiept, ziet dat. Niemand ontkent dat ook. Dat wil echter niet zeggen dat elk mens dat in zo'n systeem geboren werd automatisch ook rot was. Het is wel heel erg gemakkelijk en kortzichtig om iedereen over dezelfde koloniale kam te scheren. Je kunt niet bepalen in welk land of gezin je geboren wordt. Je kunt niet je eigen etniciteit bepalen. Het is daarom volslagen idioot om een hele bevolkingsgroep weg te zetten als hoofdschuldige aan het systeem of als verrader. De hoofdschuldigen van het koloniale systeem zetelden toch echt in het verre Nederland en in de Nederlandse toplaag van het Nederlands-Indisch gouvernement. Wat je zelf nog enigszins kunt bepalen is hoe je je opstelt binnen het systeem waarin je bent geboren en getogen, of liever: wat voor mens je in essentie bent. Niet elke Europese wieg in Indië bevatte een meedogenloze slavendrijver, net zo min als dat elk Indonesisch gezin een moedige vrijheidsstrijder voortbracht of dat elk Japans kind standaard een kampbeul werd.

Dit jaar staat in het teken van 75 jaar vrijheid: 1945 markeert het einde van de bezetting van het koninkrijk. We vieren het einde van de Tweede Wereldoorlog, hoewel de media tot nu toe nauwelijks oog hebben voor de Japanse bezetting van Nederlands-Indië. De nadruk ligt op de bezetting van Nederland door de Duitsers. We zijn het gewend. En als een verdwaalde krant of talkshow er onverhoopt aandacht aan besteedt, wordt er verontschuldigend en vanuit een politiek correcte mea culpa drang van alles bijgehaald dat afleidt van die Tweede Wereldoorlog: van VOC tot Tempo doeloe. Het past bij de beginnersfout van met name derde generatie Indo's (en een handjevol van de tweede) die op zoek gaan naar hun roots of zich er in verdiepen, zich dan een hoedje schrikken van de inktzwarte koloniale geschiedenis en die vervolgens een standpunt zoeken waarmee ze zich veilig aan de 'goede' kant van de geschiedenis willen profileren. Sommigen slaan daar volledig in door. Het kiezen van één kant betekent vaak dat alleen die kant goed is en de andere kant wordt aangevallen. Iedereen wil hetzelfde wiel tot vervelens toe opnieuw uitvinden. Het zet geen zoden aan de dijk. Er zitten altijd meerdere kanten aan een verhaal. Dat heet nuance.

'Niet elke Europese wieg in Indië bevatte een meedogenloze slavendrijver, net zo min als dat elk Indonesisch gezin een moedige vrijheidsstrijder voortbracht of dat elk Japans kind standaard een kampbeul werd.' 

Indisch
Wie zich beperkt tot één kant van de geschiedenis, heeft een eenzijdig beeld ervan en doet zichzelf tekort. Je gaat daarmee voorbij aan je eigen geschiedenis en die van de mensen die jou hebben voortgebracht, Europees én Indonesisch. Dat er Indo's zijn die zichzelf niet 'Indisch' willen noemen omdat die term 'koloniaal' zou zijn, is treurig. De oorsprong kan stammen uit een koloniaal verleden waarmee je niet geassocieerd wilt worden. Dat betekent echter niet dat door het mijden van de term 'Indisch' het koloniale deel van je geschiedenis er ineens niet meer is. Door eenzijdig naar de geschiedenis te kijken, zet je jezelf bij voorbaat buitenspel.

Je bent in de eerste plaats natuurlijk gewoon mens, aardbewoner. 'Indisch' is een toegevoegde waarde. Het betekent niet dat je het racistische koloniale systeem van toen niet afkeurt, integendeel. Het getuigt van zelfrespect. Respect voor je afkomst, voor de vechters die ervoor gezorgd hebben dat jij bestaat. 'Indisch' is juist iets om trots op te zijn. Het zegt in een notendop dat je afstamt van moedige vrouwen en mannen die de zwaarst denkbare tegenslagen hebben doorstaan. Het zijn onze (voor)ouders die zich staande moesten houden in een wereld van racisme en apartheid. Het zijn de mensen die Jappenkampen al dan niet hebben overleefd, die eigenlijk twee opeenvolgende oorlogen hebben doorstaan, om vervolgens hier in Nederland 75 jaar lang de underdog te zijn. Het zijn sterke mensen geweest, generatie op generatie. Als er dan toch zo nodig een labeltje op moet, dan draag ik het met trots en respect.

Oorlog, handelsgeest en media
Het eindeloos uitvinden van het wiel in de media leidt af van waar het dit jaar om gaat. En dat komt de Staat prima uit, want de zorgvuldig gevulde doofpotjes waar 'Indisch rechtsherstel' op staat, hoeven dan niet open. De Japanse bezetting wordt door nota bene Indo's zelf naar de achtergrond verdrongen als ze in de media eindelijk even een podium krijgen, terwijl Nederland juist een chronisch gebrek aan kennis hierover heeft (niet in de laatste plaats dankzij het onderwijs). Onwetende kijkers en lezers blijven achter met een totaal vertekend beeld. Die hele kolonialisme discussie is bijvoorbeeld in 2002 ook al uitgebreid gevoerd, toen 400 jaar VOC werd herdacht. Maar ook in 1995, toen 50 jaar vrijheid c.q. Indonesische onafhankelijkheid werd herdacht. En net als in 1860 toen Multatuli wakker werd. Het is prima om niet in slaap te dommelen en om een en ander nogmaals onder de loep te nemen, maar het gaat dit jaar voornamelijk over een ander onderwerp.

Speel de media niet in de kaart om de aandacht af te leiden van de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië en het daaruit voortvloeiende uitgebleven rechtsherstel van de Indische gemeenschap*. Het afleiden van het oorlogsleed van de Japanse bezetting is een vrijbrief voor de Staat om haar verantwoordelijkheid te blijven ontlopen - en niet te hoeven uitbetalen wat zij de Indische gemeenschap al 75 jaar schuldig is. Ook daarom is het woord 'Indisch' belangrijk. 

Hoe dan met Japan?
Focus op de Tweede Wereldoorlog, als je durft. Heb liever eindelijk eens het lef om in het kader van 75 jaar vrijheid écht over de oorlog in de Oost, die bij de rest van Nederland volslagen onbekend is, te praten. Bespreek de gruwelen van de Jappenkampen, benoem het Japanse systeem van dwangprostitutie eens of kaart het hardnekkig blijven ontkennen door Japan van haar oorlogsmisdaden aan. Laat lezers en kijkers voor eens en voor altijd weten hoe de oorlog dáár is geweest.  Zodat we de betekenis van 15 augustus niet tot in den treure hoeven uit te leggen.

Heb het er liever eens over hoe voor Nederland de handelsrelatie met Japan al 75 jaar prevaleert boven het oorlogsleed van de Indische gemeenschap, met als meest recent voorbeeld de schaamteloze verkoop van het Nederlandse Eneco aan Mitsubishi, het Japanse bedrijf dat ook Nederlandse krijgsgevangenen slavenarbeid liet verrichten. Excuses worden een voorzichtige, vrijblijvende suggestie voor de Japanse multinational in plaats van de verkoopvoorwaarde die het eigenlijk had moeten zijn. Compensatie is niet eens in beeld. Zonder de protesten uit Indische hoek was er niet eens een voorzichtige suggestie geweest.

Alles voor de handel. Als de Olympische Spelen straks in Tokio van start gaan, roepen we allemaal vrolijk dat sport verbroedert en vergeten we voor het gemak even hoeveel miljard dat evenement voor alle betrokken partijen oplevert (naast een imago boost voor het gastland). 

We sluiten dan ook meteen maar de ogen voor de controversiële Japanse 'Rijzende zon' vlag die straks ondanks alle kritiek gehesen gaat worden. Van 1870 tot 1954 was dit de officiële vlag van het keizerlijke Japanse leger. Tegenwoordig is het de favoriete vlag van ultrarechts Japan. De vlag staat symbool voor het oorlogsleed dat Japan miljoenen mensen heeft berokkend. Maar het gaat om de sport, hoor, vooral niet om geld of politiek.

Indonesië
Een handelsrelatie bestaat ook met Indonesië. Wie durft tijdens een staatsbezoek annex handelsmissie in Indonesië te informeren naar de verdwenen scheepswrakken van de Slag in de Javazee? Dat zijn officieel Nederlandse oorlogsgraven die een volgens internationaal recht beschermde status genieten. Maar ze zijn wél weg, illegaal geborgen en verkocht als oud schroot. De Indonesische autoriteiten verleenden bergingsvergunningen die ze officieel niet mochten geven. Handelspartner Indonesië gaat het niet leuk vinden als je haar daarover aan de tand voelt. En dat willen we niet. Vermijd dus ook vooral de woorden 'bersiap', 'RMS' en 'Papua', want dat schaadt ongetwijfeld de handelsrelatie (of het geïdealiseerde beeld van het land Indonesië dat sommigen verwarren met het regime, maar dit terzijde).

Blinde vlek
Zo zijn er verschillende kwesties die na de oorlog nooit naar behoren zijn opgelost. De grote blinde vlek in discussies is steeds de onaantastbare handelsgeest van Nederland, die nog steeds rondspookt om de kinderen en kleinkinderen van de voormalige kolonie tegen elkaar uit te spelen. En hoe 'woke' je ook pretendeert te zijn, zoals dat tegenwoordig zo trendy heet, je trapt er keihard in zodra je je eigen afkomst aan de wilgen hangt. Of je het leuk vindt of niet, we hebben allemaal ook Nederlandse of andere Europese voorouders. En de lachende derde die toekijkt hoe verdeeld de Indische gemeenschap is? Juist. 

'De onaantastbare handelsgeest van Nederland spookt nog steeds rond om de kinderen en kleinkinderen van de voormalige kolonie tegen elkaar uit te spelen.'

Ieder z'n feestje
Onze families kenden geen euforie van een bevrijdingsfeest, maar rolden van de ene ellende in een andere. En 15 augustus dan, de dag dat de Japanse bezetter capituleerde, is dat dan geen reden voor een Indisch bevrijdingsfeest? Nou, voor 'ons' is dat meer een dodenherdenking, geen feest. In Indonesië vieren ze hun onafhankelijkheid op 17 augustus. Terechte euforie. Ik gun ieder z'n feestje ook al is het niet het mijne, zowel Nederland als Indonesië. Maar ik hoef er niet zo nodig bij te zijn, dat is ook vrijheid. 

Nederland heeft 75 jaar lang de openstaande schuld aan de Indische gemeenschap genegeerd, waardoor er ook in 2020 niet écht vrijheid gevierd kan worden door Indisch Nederland. Geen excuses, geen rechtsherstel, geen compensatie voor oorlogsschade, enkel 75 jaar struisvogelpolitiek van opeenvolgende kabinetten, met het heilige winstoogmerk nog immer hoog in het vaandel. Want stel je voor dat de Staat daadwerkelijk alles waar die Indo's recht op hebben zou moeten terugbetalen... Poeh poeh, dat zou een aardige duit gaan kosten. Dat kunnen we niet hebben. Dan maar hier en daar in het kader van 'collectieve erkenning' een afkoopsommetje uitdelen, liefst met een irreële peildatum, dat is goedkoper. En verder elke kwestie doodzwijgen. Je komt er tenslotte minstens 75 jaar mee weg. Tel uit je winst.

Vrijheid
De nasleep van de Tweede Wereldoorlog is voor een groot deel van de Indische gemeenschap nog altijd pijnlijk voelbaar. Juist in 2020, waarin 5 mei het stralende middelpunt is en 15 augustus enkel betekenis heeft voor degenen met roots in het voormalig Nederlands-Indië. Zolang de Indische en Molukse kwestie niet wordt opgelost, rest velen dit jaar slechts het gedenken van 75 jaar voortdurende krijgsgevangenschap van ouders en grootouders. 'Vrijheid vieren' blijft dan voor ons 'herdenken'. 

©Anneke van de Casteele



*Indische gemeenschap omvat alle etniciteiten die in de voormalige kolonie aanwezig waren, dus niet alleen Indo's, maar ook Molukkers, Chinezen, Papoea's, Menadonezen, Toegoenezen en vele anderen.

Sigajang Laleng Lipa (ook wel Sitobo Lalang Lipa), Buginees ritueel gevecht uit Zuid-Sulawesi. Beide strijders worden in één sarong gehuld, waarbij een gevecht op leven en dood volgt. Het is het laatste redmiddel om een conflict op te lossen. De uitkomst is allesbepalend: één van beiden kan het overleven, of allebei. De kans bestaat ook dat beide strijders sterven. Na het duel wordt het conflict 'gearchiveerd' en behoort het voorgoed tot het verleden: men mag dus ook geen wrok koesteren. De sarong is een symbool van eenheid in de Bugis cultuur. De essentie in dit rituele gevecht is zelfrespect. Als men geen zelfrespect heeft, wordt men niet als mens beschouwd. Zelfrespect is belangrijker dan het leven zelf.

zaterdag 4 maart 2017

'WIJ ZIJN INDISCHE NEDERLANDERS, GEEN INDONESIËRS'

Dinsdagavond was D66 lijsttrekker Pechtold te gast bij Pauw en Jinek. We zagen hem een concurrent doormidden zagen vanwege zijn tegenstrijdige uitlatingen, terecht overigens. We hoorden hem echter ook een fout maken, die hij later op Twitter 'onzorgvuldig' noemde. Hij benoemde de groep van circa 1,7 miljoen Indische Nederlanders namelijk als 'de Indonesiërs'. Indisch Nederland was in rep en roer. Ook terecht overigens.

Had ik kromme tenen toen ik het hoorde? Je kent me, dus: ja. Keek ik ervan op? Nou nee. Pechtold is niet de eerste en zeker niet de enige die ons 'Indonesiërs' noemt (of erger: Nederlandse Indiërs). 

Is het dan Hollandse onwetendheid? Nou, dat zou kunnen. Ware het niet dat Indo's vaak dezelfde fout maken, met name de jongere generatie omschrijft zichzelf vaak als 'Indonesisch' of gebruikt de termen slordig allebei. 

Is het dan gewoon een onschuldige verspreking? Een verspreking is uiteraard te vergeven. Maar onschuldig is het zeker niet. Met één woord wordt de grootste en oudste groep 'Nederlanders met een migratie-achtergrond' in een hokje gedumpt waar zij niet thuishoort. Voor veel Indische Nederlanders (Indo's) weegt zo'n 'verspreking' loodzwaar. 

Na bijna 75 jaar aanwezigheid in Nederland ziet Den Haag ons nog steeds niet. De bekende blinde vlek. Ze weten donders goed dat we er zijn, maar ze willen het niet zien, want dan moeten ze met de billen bloot wat betreft het uitgebleven rechtsherstel. Van ons zijn ze gewend dat we 'zwijgen' en ons 'aanpassen': de aloude misvatting waar Den Haag toch eens van af zou moeten.

Hé, wat is dat nou? De Indo's zwijgen niet meer. Krijg nou wat. Ze laten van zich horen. 'Wij zijn geen Indonesiërs!' Het was alsof ik mijn vader hoorde, zo'n 40 jaar geleden, toen een ambtenaartje van Burgerzaken bij het vernieuwen van zijn paspoort stelde dat hij in Indonesië was geboren. 

'Ik ben geboren in het voormalig Nederlands-Indië, mevrouw, niet in Indonesië.' 

De blonde onnozelheid zelve achter de balie antwoordde met 'dat is toch hetzelfde?' Zij was een beetje dom, sorry Alex (Pechtold, niet Willy). 

Wat onze democratische volksvertegenwoordiger zich niet realiseert - en iedereen die dezelfde fout maakt - is, dat dat ene woord 'Indonesiërs' de reden is dat wij Indische Nederlanders hier in dit land zijn en niet in Indonesië.

Ik ga op deze plek niet voor de zoveelste keer uitleggen wat een Indische Nederlander is. Wat ik wél doe, is aangeven waarom het geen onschuldige verspreking is, maar een fout, een ontkenning en plein public van ons bestaan, onze identiteit en onze geschiedenis, van ons Nederlanderschap. 

In een notendop: het label 'Indonesiërs' gebruiken is beladen. Het rijt oude wonden open. Het 'staat voor' de bersiap, de verkrachtingen en de moordpartijen, de revolutie, de sale guerre die Nederland tot 1949 voerde. Het staat voor de beledigingen, de bedreigingen, de armoede, de werkloosheid vanwege de door Indonesië genationaliseerde bedrijven. 

Het staat voor de vlucht naar het land van de nationaliteit die in het paspoort stond, het voorgoed achterlaten van je geboortegrond, huis en haard. Het staat voor angst en trauma's. Het staat voor de schandalige opvang in Nederland, contractpensions, torenhoge schulden en niet gehoord oorlogsleed. 

Het staat voor uitgebleven rechtsherstel, zoals nooit uitbetaalde soldij en salaris (de backpaykwestie). Het staat voor het leed van onze ouders en grootouders. Het staat voor aanpassen, racisme en discriminatie.

Voor heel veel Indische Nederlanders ligt er dus heel veel besloten in de 'onzorgvuldige' woordkeuze van Pechtold.

Maar misschien nog wel belangrijker: de uitspraak van Pechtold staat voor de afwezigheid van het Indische verhaal in het onderwijs. Als ik zeg 'Indisch' bedoel ik ook Indisch. Door ons verteld, niet door de roze bril met de witte lenzen van Den Haag. Wij kunnen ons verhaal prima zelf vertellen. En dat doen wij al jaren: als u goed had opgelet, had u dat gezien. 

Als het onderwijs ons niet onzichtbaar had gemaakt, zouden Nederlanders hun vaderlandse geschiedenis kennen, dus ook de koloniale geschiedenis. Dan zouden Nederlanders - inclusief de heer Pechtold - weten wie we zijn en dat wij geen Indonesiërs zijn. 

© Anneke van de Casteele

N.B. De groep Nederlanders met roots in het voormalig Nederlands-Indië is zeer divers en bestaat uiteraard uit veel meer etniciteiten dan alleen Indo's. De term 'Indische Nederlanders'  is veelgehoord in de discussie rondom de uitspraak van Pechtold en heb ik gebruikt ter vereenvoudiging.



English translation

‘We are Indische Nederlanders, not Indonesians!’

Last Tuesday night, February 28, 2017, Dutch D66 democrat party leader Alexander Pechtold was one of the guests on TV talkshow ‘Pauw and Jinek’. We saw him verbally wipe out a competitor in the upcoming Dutch elections, because of his contradictory statements, rightly so. However, we also heard him make a mistake, which he later described on Twitter as 'careless'. He referred to the group of approximately 1.7 million Indische Nederlanders (Dutch Indos) living in the Netherlands today, as ‘Indonesians’. The Dutch Indo community was in an uproar. Also rightly so.

Did I cringe when I heard it? You know me, so yes. Was I surprised? Well,  no. Pechtold is not the first and certainly not the only one who calls us ‘Indonesians’ (or worse: Dutch Indians).

Is it Dutch ignorance? Well, that could be very well possible. Were it not that even Dutch Indos often make the same mistake, especially the younger generation often describes itself as ‘Indonesian’ or even uses both terms, carelessly. This is where education comes in.

Is it just an innocent slip of the tongue? A slip of the tongue could be easily forgiven. However, ‘innocent’ it certainly is not. With the use of only one single word, the largest and oldest group 'Dutch with a migration background’, as it is called nowadays, is put into a box where it does not belong. For many Dutch Indos this ‘slip of the tongue’ has grave connotations.

After almost 75 years of our presence in the Netherlands, The Hague still does not see us. It is the well known blind spot. They know full well that we are there, but they do not want to see it, for then they would obviously have to address the never fully realized restitution of justice for the Dutch Indo community. From us, they expect 'silence' and 'assimilation': the ancient misconception that The Hague should really have to get rid of after all this time.

Hey, what's that? These Dutch Indos no longer remain silent. What the hell. They make themselves heard. "We are not Indonesians!" It was as if I heard my father speak out some 40 years ago, when an office worker of Civil Affairs, while renewing my Dad’s passport, stated that my Dad was born in Indonesia.

"I was born in the former Dutch East Indies, Madam, not in Indonesia."

The blonde innocence itself behind the desk replied, "But that's completely the same thing?" She was being a bit dumb, sorry Alex (Pechtold, not Willy).

What our democratic people’s representative does not realize - and anyone who makes the same mistake - is that that the one word 'Indonesians' is the whole reason that we Dutch Indos are here in this country and not in Indonesia.

I am not going to explain for the 1000th time what a ‘Indische Nederlander’ is. What I will do, is indicate why it is not an innocent slip of the tongue to refer to us as Indonesians, but an error, which holds a denial - and in public - of our existence, of our identity and our history, of our Dutch citizenship.

In a nutshell: to use the label 'Indonesians' is not only technically wrong, it is also laden. It rips open old wounds. Using this label ‘stands for’ the bersiap, the rapes and massacres, the revolution, the 'sale guerre' which the Netherlands led until 1949. It stands for the insults, threats, poverty, unemployment due to the Indonesian government nationalizing Dutch companies.

It stands for fleeing to the country of the nationality stated in everyone’s passport, it meant forever leaving your native land, home and hearth. It stands for anxiety and trauma. It stands for the scandalous reception in the Netherlands, boarding houses, skyrocketing debts and the never heard war trauma, starting all over again from scratch.

It stands for the never materialized restitution of justice, such as the never paid KNIL wages and salaries (the back pay issue). It stands for the suffering of our parents and grandparents. It stands for forced assimilation, racism and discrimination.

So, For many Indische Nederlanders so very much is concealed in the ‘careless’ choice of words of Dutch politician Mr. Pechtold.

But perhaps even more important in Pechtold’s decision to call us Indonesians is the absence of the ‘Indisch’ (Dutch Indo) story in Dutch education. When I say ‘Indisch’, I mean Indisch. Our story needs to be told by us, not through the rose colored glasses with the white lenses, worn by The Hague. We are perfectly capable to tell our own story and we have been doing so for years and years. If you would have been paying attention, you would have seen it, Mr. Pechtold.

If Dutch education had not made us invisible, the Dutch people would have known their own country's history, including Dutch colonial history. Then the Dutch - including Mr Pechtold – would have known who we are, why we are here and that we are not Indonesians.

© Anneke van de Casteele

Please Note: Dutch citizens with roots in the former Dutch East Indies have a large variety of ethnicities, far more than only the Indo-Europeans or Indos. The words 'Indische Nederlanders' or 'Dutch Indos' popped up extensively in the discussion and I used these for simplification.