Posts tonen met het label koloniale geschiedenis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label koloniale geschiedenis. Alle posts tonen

dinsdag 22 februari 2022

Onderwijs over Nederlands-Indië ten dode opgeschreven

Het dubieuze Dekolonisatie-onderzoek gaat voorgoed het onderwijs over de geschiedenis van Nederlands-Indië veranderen. Na jaren van protest en klachten uit de Indische en Molukse gemeenschap over het gebrekkige curriculum voor basis- en voortgezet onderwijs op dit punt, wordt onze geschiedenis nu in de ramsj gegooid: verkocht aan Indonesië voor 30 zilverlingen en wat handelsbelangen.

Normaliter duurt een wijziging van het curriculum, in het kort: de verplichte lesstof voor basis- en voortgezet onderwijs, minimaal 2 jaar. Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) moet hiervoor groen licht geven aan de Stichting Leerplan Ontwikkeling (SLO) die de scepter zwaait over de eisen waaraan lesstof moet voldoen. Vandaag blijkt echter dat het hele proces al lang in werking is gezet: docenten en uitgevers van lesmateriaal lopen op de zaken vooruit en passen hun lesstof nu al aan. Goede zaak, zou je zeggen, het is hoog tijd. Spoiler: als iets te mooi lijkt om waar te zijn, dan is dat ook meestal zo.

Vandaag kopt Nu.nl namelijk 'Aanpassen verplichte lesstof Indonesië duurt jaren, maar onderwijs pakt door'. Indonesië - niet voormalig Nederlands-Indië. Dat is al een slechte voorbode. Dan lezen we: 

Het gaat minimaal twee jaar duren voordat scholieren als verplichte examenstof moeten weten dat Nederland structureel buitensporig geweld heeft gepleegd en gedoogd tijdens de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog (1945-1949). Dat stelt de (SLO) dinsdag tegenover NU.nl. (...) Docenten en uitgevers van lesmateriaal wachten dat niet af. Ze passen nu al hun lesmethoden aan op de uitkomsten van een recent door de Staat betaald onderzoek over de Onafhankelijkheidsoorlog.

Dus, beste lezer, ONGEACHT het feit dat dit onderzoek nu al eenzijdig is gebleken en op cruciale vlakken onjuistheden bevat.

Alderik Visser (SLO): "Je ziet dat uitgevers van lesmateriaal nu al meebewegen met de nieuwe feiten die de laatste tijd bekend zijn geworden over de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog." 

Bent u al wakker, beste lezer?

Ook het voortgezet onderwijs speelt in op recente ontwikkelingen. "Elke docent die de ontwikkelingen rond de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog heeft meegekregen, zal nu al zijn lesstof aanpassen", zegt een woordvoerder van SLO namens OCW. De VO-raad onderschrijft de uitspraken van SLO. "Leraren spelen in op ontwikkelingen in de maatschappij. Geschiedenisdocenten lezen ook de krant." SLO heeft "vergevorderde plannen" rond wat scholieren de komende tien jaar verplicht moeten weten en leren. Die plannen komen naar verwachting in maart naar buiten.

Wacht even, dus waar de Indische gemeenschap al jaren om vraagt en waarover diverse moties in de Tweede Kamer zijn ingediend kon niet, maar nu is pro-Indonesisch aanpassen ineens wél mogelijk en dan ook nog in een versneld tempo? Een dikkere verborgen agenda als deze kom je niet vaak tegen.

Educatieve uitgeverij ThiemeMeulenhoff heeft in samenwerking met het Rijksmuseum extra lesmateriaal ontwikkeld voor het vmbo en het mbo over de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog naar aanleiding van de omstreden tentoonstelling Revolusi,

Dekolonisatie-onderzoeksleider Frank van Vree vond na kritiek die Indonesië-experts uitten dat het rapport beter de term oorlogsmisdaden had kunnen gebruiken. Naar de hevige kitiek van Indische Nederlanders over bijvoorbeeld de overduidelijk gemanipuleerde onderzoeksresultaten van het Bersiap-deelonderzoek wordt dus niet geluisterd.

Als u daarnet nog niet wakker was, dan bent u het nu.

Al jaren wordt er vanuit de Indische en Molukse gemeenschap geklaagd over de slechte staat van het onderwijs waar het de koloniale geschiedenis betreft, met name over voormalig Nederlands-Indië. Lesmethoden zijn summier en verouderd, Generaties Nederlanders weten niets van Nederlands-Indië, weten het verschil niet tussen een Indonesiër en een Indische Nederlander, hebben nog nooit van Bersiap gehoord of van een Japans concentratiekamp. Het is uitermate slecht gesteld met de beeldvorming, wat tot vervelens toe te zien is aan ontelbare fouten in lesmethoden en in de media.

Ik schrijf erover sinds 1995 en de afgelopen jaren ook via mijn blog en diverse andere kanalen: 'Het onderwijs moet op de schop! De Nederlands-Indische geschiedenis dreigt te worden uitgewist! Laat uw stem horen!' Voor deze ene keer is het absoluut NIET leuk om gelijk te hebben.


Oorlogsmisdaden

Voormalig staatssecretaris Blokhuis van VWS heeft onlangs de 'Commissie versterking kennis geschiedenis voormalig Nederlands-Indië' ingesteld, gesubsidieerd met geld uit de omstreden Collectieve Erkenning. Gezien het feit dat enkele leden van deze commissie ook deel uitmaken van het onderzoeksteam van het Dekolonisatie-onderzoek, kan van onafhankelijkheid en zuiverheid geen sprake zijn. Hiermee is de educatie rondom Nederlands-Indische geschiedenis niet in goede handen en het ziet er naar uit dat deze gekleurd zal worden door politieke belangen. 

Beeldvorming over Nederlands-Indië, Indische Nederlanders, Molukkers, Papua's en andere etnische groepen uit de voormalige kolonie gaat bijgekleurd worden met een rood-wit 'woke' sausje. De geschiedenis van wie wij zijn en waarom wij hier zijn gaat officieel de kliko in - of de doofpot, net wat u wilt. En dat komt de Staat der Nederlanden prima uit. Dan is ze ook meteen af van alle claims en de voor rechtsherstel vechtende Indo's, Molukkers en Papua's. Het kost wel wat, maar dan heb je ook iets. De investeringen in Dekolonisatie-onderzoek en de Collectieve Erkenning betalen rijkelijk uit, aangezien die kosten een fooi zijn vergeleken bij wat de Staat de Indische gemeenschap nog schuldig is aan nooit uitbetaalde salarissen (backpay) en schadevergoedingen. Tel uit je winst.

Al deze ontwikkelingen zijn een poging van de Staat om de Indische gemeenschap, Molukkers en Papua's voorgoed het zwijgen op te leggen, monddood te maken. Goh,  die Indo's waren veel leuker toen ze nog zwegen. Nou, dat 'Indisch zwijgen' staat niet in mijn woordenboek en het zou ook niet in het uwe moeten staan. Als wij niet massaal onze mond opendoen en onze geschiedenis zelf aan de jongere generatie doorgeven, wordt Nederlands-Indië straks voorgoed in het curriculum geschreven onder de kop 'Oorlogsmisdaden'. 


Mea culpa, mea maxima culpa

Politiek en economie is een Siamese tweeling. De Indische geschiedenis wordt opgeofferd voor economische belangen, om Indonesië te vriend te houden. De excuses van Rutte aan Indonesië zijn slechts een formaliteit, waaraan vele (financiële) voordelen kleven. Ik ben benieuwd hoeveel Nederlandse bedrijven straks Borneo gaan ontginnen voor Jokowi's nieuwe hoofdstad Nusantara. Dat Indonesië naar goed oud-Hollands voorbeeld mensenrechten schendt en o.a. de Molukken, West-Papua en Aceh koloniseert, doet er voor 'integer' Nederland niet toe. De kolonisator is dood, lang leve de kolonisator. Hoe onafhankelijk is Indonesië eigenlijk? En hoe kolonisator-af is Nederland? Does neo-kolonialisme ring a bell?

Met het Dekolonisatie-onderzoek worden door de Staat vele vliegen in 1 klap geslagen. Het onderwijs is de sleutel tot de toekomst en de klap op de vuurpijl. En ach, we veranderen wat geschiedensboekjes en over een jaar of 10 halen we heel Nederlands-Indië er gewoon helemaal uit. Dan hebben we er geen actieve herinnering meer aan.

Beste Indische Nederlanders, Molukkers en wat dies meer zij: Mark Rutte heeft zojuist uw geschiedenis schaamteloos verkocht aan Indonesië. Geschiedvervalsing is blijkbaar een stuk goedkoper dan voor eerlijk en evenwichtig onderwijs voor uw kinderen te zorgen.

Welterusten, selamat tidur!


©Anneke van de Casteele



donderdag 10 juni 2021

De Molukse 'Monumentaire' van Coen Verbraak

Dat journalist en historicus Coen Verbraak garant staat voor diepgaande, spraakmakende out-of-the-box kwaliteitstelevisie wisten we. Dat hij de Nederlandse televisiekijker in 4 weken zou weten te winnen voor het Molukse verhaal is ongekend. De documentaire 'Molukkers in Nederland, 70 jaar op weg naar huis' schrijft tv-geschiedenis. 


Bij de kladden

Verbraak grijpt de kijker bij de kladden. Subtiel en onverwacht. Net zoals je leraar vroeger ineens achter je stond als je drukker bezig was met alles behalve je werk. 'En nu ga je zitten, mond dicht en luisteren.' Nou, dat hebben we gedaan. En we hebben het geweten ook. Voor de één zijn de beelden een eerste kennismaking, voor de ander betekenen ze herkenning. Eén ding is zeker: ik heb in elk geval 100 keer liever Verbraak voor de klas dan mijn geschiedenisleraar van vroeger.

In de 4-delige documentaire komen Molukkers aan het woord, bekende en minder bekende. Er zijn eerder sporadisch wat documentaires gemaakt over Molukse zaken, maar nooit eerder kwamen Molukkers zelf zo uitgebreid aan het woord. Bovendien rammelde er bij oudere programma's vaak van alles qua historische feiten. Als je een beetje op de hoogte bent van de koloniale geschiedenis, dan zap je bij de zoveelste feitenfout al na een paar minuten met gekromde tenen weg. Maar niet bij 'Molukkers in Nederland'. Daar kijk je ademloos en zonder gebruikelijke plaspauze naar. Verbraaks serie stijgt op historisch vlak ver boven de rest uit. Deze reeks blinkt uit, naast de bewogen persoonlijke verhalen, door de gedegen research van Sylvia Pessireron en Rens Broekhuis, die als een rode draad door de afleveringen heen loopt. Het eindresultaat is niet zomaar een dertien-in-een-dozijn documentaire. Het is een monument van kaliber, een respectvol historisch eerbetoon waar je niet meer omheen kunt. Ik noem het daarom liever een 'monumentaire'.  


Onbekend maakt onbemind

Het is toch eigenlijk dieptriest dat het Molukse verhaal bij het Nederlandse publiek vrijwel onbekend is of dat de kennis die men ervan meent te hebben eigenlijk berust op vooroordelen of scheefgegroeide beeldvorming. Onbekend maakt onbemind. Helaas, zo gaan die dingen. Geen enkele ex-kolonisator ziet graag zijn duistere geschiedenis onder ogen en verzwijgt deze daarom liever. Maar Nederland bakt ze wel erg bruin. Dat er 70 jaar gepasseerd is voordat men eindelijk eens naar de ander gaat luisteren is al erg genoeg. Maar dat er 400 jaar overheen gaat en dat men dan nog steeds niet de hand in de eigen koloniale boezem durft te steken, is toch wel bizar. Temeer omdat Molukkers aan het vroegste begin, aan de wieg van de welvaart van Nederland hebben gestaan. Zonder specerijen uit de Molukken geen handel. Zonder Molukkers geen Gouden Eeuw, waar ons land altijd zo prat op gaat - en die mag u best in uw oren knopen.


Gedeelde geschiedenis

Het is geen wonder dat het grote publiek onbekend is met de achtergronden van de aanwezigheid van Molukkers in dit koude kikkerlandje. Molukkers zijn nauwelijks onderdeel van het onderwijscurriculum. En als ze überhaupt in lesstof aan bod komen, komen ze bij lange na niet uit de verf of gaat het altijd weer over de acties van de jaren '70, zonder de voorgeschiedenis, de aanleiding voor de acties, correct weer te geven. Het is sowieso een pijnlijke gemiste kans om de geschiedenis van voormalig Nederlands-Indië, ooit het grootste wingewest van Nederland, geen prominentere plaats te geven in het curriculum. Uiteraard geldt dit ook voor de geschiedenis van de andere (voormalige) kolonies. Dat kan en moet veranderen als we onze gedeelde geschiedenis recht willen doen en elkaar beter willen begrijpen. Met dat 'gedeelde' hebben we nog altijd de meeste moeite. We voelden het niet. Verbraak liet ons heel even die pijn voelen, hún pijn - en dát is nieuw. Laat deze serie vooral een wake-up call zijn voor de Nederlandse regering en met name voor het Ministerie van Onderwijs.


Excuses

We zijn middels de serie getuige geweest van de ronduit schofterige behandeling van de Molukkers door de Nederlandse regering. Wie Molukkers in de vriendenkring of familie heeft, weet echter dat wat we op tv hebben gezien slechts een fractie is van het daadwerkelijke leed dat hen is aangedaan door de Haagse firma List & Bedrog. Een ordinaire handjeklapmissie tussen Nederland en haar destijds nieuwbakken handelspartner Indonesië - met als inzet duizenden mensenlevens die voorgoed zouden veranderen. Officiële excuses zijn hier zeker op zijn plaats. Het bijbehorende zalvende bosje bloemen mag worden vervangen door eerlijk onderwijs en een compensatie. En met dat laatste bedoel ik geen symbolische afkoopsom c.q. aalmoes in de vorm van subsidie, zoals bij de Indische gemeenschap is gebeurd, maar een fatsoenlijke compensatie speciaal voor Molukse gedupeerden. 


Perspectieven

De serie 'Molukkers in Nederland' biedt perspectieven voor de toekomst. Mijn onderwijshart gaat sneller kloppen van documentaires als deze. De mogelijkheden om de serie vanaf nu ook te integreren in het voortgezet onderwijs zijn legio. Aangezien Den Haag waarschijnlijk nog wel even doorsnurkt, zijn creatieve docenten onder ons nu aan zet. 

De serie biedt echter ook perspectief voor een opvolger. Ik hoop dat de heer Verbraak mij toestaat om een bescheiden suggestie te doen. Er is nóg een vergeten groep in Nederland, afkomstig uit dezelfde voormalige Nederlandse kolonie, die in een enigszins vergelijkbare situatie verkeert: de Papoea's. Net als de Molukken wordt hun land, West-Papoea, op bloedige wijze bezet door Indonesië. Den Haag zwijgt en de rest van de wereld sluit de ogen voor de langzame genocide die zich daar voltrekt. Net als bij de Molukkers is het een kwestie van gebroken beloftes van Nederlandse zijde, transgenerationeel leed en een vrijheidsstrijd die tot op de dag van vandaag doorgaat. Als iemand hun verhaal kan vertellen, dan is het Verbraak. 


©Anneke van de Casteele



zaterdag 20 juni 2020

Hier stond ooit JP Coen

"Hier stond ooit J.P. Coen,
'Held' met bebloed blazoen"

 Een bordje met bovenstaande tekst zou niet misstaan naast of op zijn lege sokkel. Nog mooier zou een extra regel zijn: "Dit voormalige symbool van Nederlands imperialisme is verplaatst naar de kelder van het Westfries museum, een eindje verderop."

Ah, wishful thinking... Het zou betekenen dat de gemeente Hoorn haar bezoedelde koloniale erfenis eindelijk onder ogen zag en de voorkeur zou geven aan het streven naar een inclusieve, racismevrije samenleving, in plaats van aan het voortzetten van de nietsontziende goudhonger van de vermaledijde Jan Pieterszoon Coen (JP voor intimi). De gemeente zou de eer aan zichzelf kunnen houden door het beeld aan een museum te schenken. Hoorn zou hierin een voorbeeldfunctie kunnen vervullen voor Nederland, Europa en de wereld. 

Hoorn is echter dol op toerisme. Het maakt schijnbaar niets uit of er sinds de plaatsing van het (overigens spuuglelijke) standbeeld in 1893 tot op de dag van vandaag forse kritiek is. De felbegeerde euro's van de nietsvermoedende toerist hebben de prioriteit. Dat in 2012 geplaatste 'infobordje' helpt niet tegen de controverse, gezien de vele selfies die men er maakt, vrolijk poserend met de 'Slachter van Banda'. 'Arme' JP. Tot in de dood wordt hij nu geëxploiteerd door zijn stadsgenoten, zoals hij zijn medemens ooit exploiteerde. Karma, it is a bitch. In elk geval kan hij tenminste nog rekenen op een bloemetje van zijn fanclub. Als JP zou weten dat deze aangevoerd wordt door nota bene een Indo, zou hij hem waarschijnlijk een afranseling geven waarbij de geseling van Saartje Speckx spontaan zou verbleken. 

Minder leuk is het feit dat Indische leden van de JP-fanclub het licht zelfs na 400 jaar nog steeds niet hebben gezien en als slaafse schoothondjes achter hun  'populiste homéopathiquement dilué' aan keffen. Zodra het licht hun reebruine ogen bereikt, zou het hen sieren solidariteit te tonen met Molukkers, Papoea's en andere mede-nazaten van voormalig Nederlands-Indië - en andere (al dan niet voormalige) kolonies als Suriname en de Antillen. Trots zijn op je Nederlandse roots is prima, niks mis mee. Maar trots zijn op de wandaden van foute koloniale kopstukken is het openlijk verloochenen van je Indonesische roots, je geschiedenis en je Nederlands-Indische identiteit. Opkomen voor je (ontnomen!) rechten als Indische Nederlander is iets anders dan het schaamteloos flirten met ultra-rechts. Daarmee speel je je ex-kolonisator in de kaart in zijn verdeel-en-heers spelletje. Zoals de grootste vredesactivist sinds het begin van onze jaartelling ooit zei: "Vergeef hen, want zij weten niet wat zij doen." Of geef hen een fatsoenlijk geschiedenisboek.

Coen staat daar best een beetje sukkelig op zijn antieke sokkel controversieel te wezen. Hij heeft zijn 'beste' tijd reeds lang gehad. En dat geldt ook voor vergelijkbare stenen, bronzen en ijzeren piraten, koningen en koopmannen uit de meest schaamtevolle periode van de Europese geschiedenis. Wijlen George Floyd heeft onbewust een wereldwijde stem gegeven aan de onderdrukten. We zijn getuige van het schrijven van geschiedenis: van het massaal opstaan tegen racisme en kolonialisme, maar helaas ook van het zich krampachtig vastklampen aan de laatste koloniale strohalmen. Het is hoog tijd dat de koloniale geschiedenis van Nederland op een eerlijke wijze onderwezen wordt, met ruimte voor meerdere perspectieven, niet enkel die van de ex-kolonisator. Die is lang genoeg aan het woord geweest. 

Op de sokkel van JP Coen hoort een fris, nieuw standbeeld te staan dat past bij deze tijd. Een beeld dat symbool staat voor vrijheid, bevrijding van kolonialisme, voor erkenning van de verzwegen geschiedenis. 

"Hier stond ooit J.P. Coen,
'Held' met bebloed blazoen
Na ruim vier eeuwen slavernij
Is Nederland nu eind'lijk vrij"


©Anneke van de Casteele




maandag 9 maart 2020

Euforie (of nie)

Een essay over 75 jaar vrijheid

Het vrijheidsgeluid gonst al geruime tijd oorverdovend rond in vrijwel alle media. Je kunt er niet omheen. Zwart-wit beelden van met vlaggetjes wapperende, juichende mensen langs passerende tanks, foto's van breed lachende soldaten, blije bakvissen en verlegen kindersnoetjes. Het zijn beelden die getuigen van euforie na vijf jaar ellende. Ellende die voor Joden, Roma, Sinti, zieken, gehandicapten en bejaarden later aanzienlijk groter bleek te zijn. Het is ellende waarvan al die blije Hollandse gezichten op het moment dat ze op film werden vastgelegd nog geen weet hadden. Media, censuur en propaganda: a deadly combination, fake news avant la lettre. 

Grote afwezige in de media is tot nu toe de Tweede Wereldoorlog 'aan de overkant', die voormalig Nederlands-Indië in zijn greep hield. Media focussen voornamelijk op de dekolonisatieoorlog, maar die kwam toch echt pas nadat de capitulatie van Japan een feit was, waarmee officieel een einde aan de Tweede Wereldoorlog kwam. Oorlog is oorlog, of niet? Kunnen we als nazaten van de voormalige kolonie wel 'vrijheid' vieren?

De overkant
Van euforie was aan 'de overkant' van het koninkrijk, in Nederlands-Indië, geen sprake. In Zuidoost-Azië ging men nog gebukt onder Hitlers bondgenoot Japan. De datum 5 mei 1945 was niet anders dan die van de drie voorgaande jaren. Terwijl het bevrijdingsfeest in Nederland losbarstte, zaten landgenoten in Nederlands-Indië nog steeds gevangen in concentratiekampen, verspreid over de Indische archipel en de rest van Azië. Onder erbarmelijke omstandigheden moest men proberen ziekte en mishandeling te overleven. Was je erin geslaagd buiten de kampen te blijven, dan was je je leven ook niet zeker. Nee, euforie was niet aan de orde.

Ook niet toen Japan capituleerde op 15 augustus 1945. Twee dagen later proclameerde Soekarno onder druk van jonge onafhankelijkheidsstrijders de republiek Indonesië. Euforie? Ehm, nee, wel Bersiap! Een ware volkswoede brak uit die zich met name richtte op Indo's, Molukkers, Chinezen en andere etnische groepen. De bersiap mondde uit in slachtpartijen op duizenden mannen, vrouwen en kinderen. Deze gruwelijke periode is bij het gros van de Nederlanders onbekend. Het onderwijs laat qua koloniale geschiedenis helaas veel te wensen over. Het is dan ook hoog tijd dat het curriculum wordt aangepast. We kunnen ons beter op eerlijker onderwijs concentreren, in plaats van met elkaars egootjes en plein public te bakkeleien over vier voorbije eeuwen waar we toch niets meer aan kunnen veranderen zonder teletijdmachine. 

In het verlengde van de Tweede Wereldoorlog
De daaropvolgende jaren werden voorgoed getekend door de slachtoffers van de dekolonisatieoorlog - aan beide zijden, waarbij Nederlands militair ingrijpen uiteindelijk de meeste slachtoffers op het geweten had in een vergeefse poging om het winstgevende paradepaardje van de Nederlandse kolonies te behouden. Nederland boog uiteindelijk in 1949 voor de internationale druk, maar bleef een vinger in de rijstepap van Nieuw-Guinea houden tot 1962. Ook ver na de Tweede Wereldoorlog bleven het roerige, angstige tijden, met name voor degenen die zo lang mogelijk op hun geliefde geboortegrond trachtten te blijven. Dat laatste wordt nogal eens vergeten.

Vrijheid is relatief
Wat vrijheid is voor de één, is dat niet altijd voor de ander. Kolonialisme is nooit goed te praten. NOOIT, met hoofdletters. Het systeem was door en door rot, racistisch en wreed. Elk weldenkend mens die zich in de geschiedenis van de archipel verdiept, ziet dat. Niemand ontkent dat ook. Dat wil echter niet zeggen dat elk mens dat in zo'n systeem geboren werd automatisch ook rot was. Het is wel heel erg gemakkelijk en kortzichtig om iedereen over dezelfde koloniale kam te scheren. Je kunt niet bepalen in welk land of gezin je geboren wordt. Je kunt niet je eigen etniciteit bepalen. Het is daarom volslagen idioot om een hele bevolkingsgroep weg te zetten als hoofdschuldige aan het systeem of als verrader. De hoofdschuldigen van het koloniale systeem zetelden toch echt in het verre Nederland en in de Nederlandse toplaag van het Nederlands-Indisch gouvernement. Wat je zelf nog enigszins kunt bepalen is hoe je je opstelt binnen het systeem waarin je bent geboren en getogen, of liever: wat voor mens je in essentie bent. Niet elke Europese wieg in Indië bevatte een meedogenloze slavendrijver, net zo min als dat elk Indonesisch gezin een moedige vrijheidsstrijder voortbracht of dat elk Japans kind standaard een kampbeul werd.

Dit jaar staat in het teken van 75 jaar vrijheid: 1945 markeert het einde van de bezetting van het koninkrijk. We vieren het einde van de Tweede Wereldoorlog, hoewel de media tot nu toe nauwelijks oog hebben voor de Japanse bezetting van Nederlands-Indië. De nadruk ligt op de bezetting van Nederland door de Duitsers. We zijn het gewend. En als een verdwaalde krant of talkshow er onverhoopt aandacht aan besteedt, wordt er verontschuldigend en vanuit een politiek correcte mea culpa drang van alles bijgehaald dat afleidt van die Tweede Wereldoorlog: van VOC tot Tempo doeloe. Het past bij de beginnersfout van met name derde generatie Indo's (en een handjevol van de tweede) die op zoek gaan naar hun roots of zich er in verdiepen, zich dan een hoedje schrikken van de inktzwarte koloniale geschiedenis en die vervolgens een standpunt zoeken waarmee ze zich veilig aan de 'goede' kant van de geschiedenis willen profileren. Sommigen slaan daar volledig in door. Het kiezen van één kant betekent vaak dat alleen die kant goed is en de andere kant wordt aangevallen. Iedereen wil hetzelfde wiel tot vervelens toe opnieuw uitvinden. Het zet geen zoden aan de dijk. Er zitten altijd meerdere kanten aan een verhaal. Dat heet nuance.

'Niet elke Europese wieg in Indië bevatte een meedogenloze slavendrijver, net zo min als dat elk Indonesisch gezin een moedige vrijheidsstrijder voortbracht of dat elk Japans kind standaard een kampbeul werd.' 

Indisch
Wie zich beperkt tot één kant van de geschiedenis, heeft een eenzijdig beeld ervan en doet zichzelf tekort. Je gaat daarmee voorbij aan je eigen geschiedenis en die van de mensen die jou hebben voortgebracht, Europees én Indonesisch. Dat er Indo's zijn die zichzelf niet 'Indisch' willen noemen omdat die term 'koloniaal' zou zijn, is treurig. De oorsprong kan stammen uit een koloniaal verleden waarmee je niet geassocieerd wilt worden. Dat betekent echter niet dat door het mijden van de term 'Indisch' het koloniale deel van je geschiedenis er ineens niet meer is. Door eenzijdig naar de geschiedenis te kijken, zet je jezelf bij voorbaat buitenspel.

Je bent in de eerste plaats natuurlijk gewoon mens, aardbewoner. 'Indisch' is een toegevoegde waarde. Het betekent niet dat je het racistische koloniale systeem van toen niet afkeurt, integendeel. Het getuigt van zelfrespect. Respect voor je afkomst, voor de vechters die ervoor gezorgd hebben dat jij bestaat. 'Indisch' is juist iets om trots op te zijn. Het zegt in een notendop dat je afstamt van moedige vrouwen en mannen die de zwaarst denkbare tegenslagen hebben doorstaan. Het zijn onze (voor)ouders die zich staande moesten houden in een wereld van racisme en apartheid. Het zijn de mensen die Jappenkampen al dan niet hebben overleefd, die eigenlijk twee opeenvolgende oorlogen hebben doorstaan, om vervolgens hier in Nederland 75 jaar lang de underdog te zijn. Het zijn sterke mensen geweest, generatie op generatie. Als er dan toch zo nodig een labeltje op moet, dan draag ik het met trots en respect.

Oorlog, handelsgeest en media
Het eindeloos uitvinden van het wiel in de media leidt af van waar het dit jaar om gaat. En dat komt de Staat prima uit, want de zorgvuldig gevulde doofpotjes waar 'Indisch rechtsherstel' op staat, hoeven dan niet open. De Japanse bezetting wordt door nota bene Indo's zelf naar de achtergrond verdrongen als ze in de media eindelijk even een podium krijgen, terwijl Nederland juist een chronisch gebrek aan kennis hierover heeft (niet in de laatste plaats dankzij het onderwijs). Onwetende kijkers en lezers blijven achter met een totaal vertekend beeld. Die hele kolonialisme discussie is bijvoorbeeld in 2002 ook al uitgebreid gevoerd, toen 400 jaar VOC werd herdacht. Maar ook in 1995, toen 50 jaar vrijheid c.q. Indonesische onafhankelijkheid werd herdacht. En net als in 1860 toen Multatuli wakker werd. Het is prima om niet in slaap te dommelen en om een en ander nogmaals onder de loep te nemen, maar het gaat dit jaar voornamelijk over een ander onderwerp.

Speel de media niet in de kaart om de aandacht af te leiden van de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië en het daaruit voortvloeiende uitgebleven rechtsherstel van de Indische gemeenschap*. Het afleiden van het oorlogsleed van de Japanse bezetting is een vrijbrief voor de Staat om haar verantwoordelijkheid te blijven ontlopen - en niet te hoeven uitbetalen wat zij de Indische gemeenschap al 75 jaar schuldig is. Ook daarom is het woord 'Indisch' belangrijk. 

Hoe dan met Japan?
Focus op de Tweede Wereldoorlog, als je durft. Heb liever eindelijk eens het lef om in het kader van 75 jaar vrijheid écht over de oorlog in de Oost, die bij de rest van Nederland volslagen onbekend is, te praten. Bespreek de gruwelen van de Jappenkampen, benoem het Japanse systeem van dwangprostitutie eens of kaart het hardnekkig blijven ontkennen door Japan van haar oorlogsmisdaden aan. Laat lezers en kijkers voor eens en voor altijd weten hoe de oorlog dáár is geweest.  Zodat we de betekenis van 15 augustus niet tot in den treure hoeven uit te leggen.

Heb het er liever eens over hoe voor Nederland de handelsrelatie met Japan al 75 jaar prevaleert boven het oorlogsleed van de Indische gemeenschap, met als meest recent voorbeeld de schaamteloze verkoop van het Nederlandse Eneco aan Mitsubishi, het Japanse bedrijf dat ook Nederlandse krijgsgevangenen slavenarbeid liet verrichten. Excuses worden een voorzichtige, vrijblijvende suggestie voor de Japanse multinational in plaats van de verkoopvoorwaarde die het eigenlijk had moeten zijn. Compensatie is niet eens in beeld. Zonder de protesten uit Indische hoek was er niet eens een voorzichtige suggestie geweest.

Alles voor de handel. Als de Olympische Spelen straks in Tokio van start gaan, roepen we allemaal vrolijk dat sport verbroedert en vergeten we voor het gemak even hoeveel miljard dat evenement voor alle betrokken partijen oplevert (naast een imago boost voor het gastland). 

We sluiten dan ook meteen maar de ogen voor de controversiële Japanse 'Rijzende zon' vlag die straks ondanks alle kritiek gehesen gaat worden. Van 1870 tot 1954 was dit de officiële vlag van het keizerlijke Japanse leger. Tegenwoordig is het de favoriete vlag van ultrarechts Japan. De vlag staat symbool voor het oorlogsleed dat Japan miljoenen mensen heeft berokkend. Maar het gaat om de sport, hoor, vooral niet om geld of politiek.

Indonesië
Een handelsrelatie bestaat ook met Indonesië. Wie durft tijdens een staatsbezoek annex handelsmissie in Indonesië te informeren naar de verdwenen scheepswrakken van de Slag in de Javazee? Dat zijn officieel Nederlandse oorlogsgraven die een volgens internationaal recht beschermde status genieten. Maar ze zijn wél weg, illegaal geborgen en verkocht als oud schroot. De Indonesische autoriteiten verleenden bergingsvergunningen die ze officieel niet mochten geven. Handelspartner Indonesië gaat het niet leuk vinden als je haar daarover aan de tand voelt. En dat willen we niet. Vermijd dus ook vooral de woorden 'bersiap', 'RMS' en 'Papua', want dat schaadt ongetwijfeld de handelsrelatie (of het geïdealiseerde beeld van het land Indonesië dat sommigen verwarren met het regime, maar dit terzijde).

Blinde vlek
Zo zijn er verschillende kwesties die na de oorlog nooit naar behoren zijn opgelost. De grote blinde vlek in discussies is steeds de onaantastbare handelsgeest van Nederland, die nog steeds rondspookt om de kinderen en kleinkinderen van de voormalige kolonie tegen elkaar uit te spelen. En hoe 'woke' je ook pretendeert te zijn, zoals dat tegenwoordig zo trendy heet, je trapt er keihard in zodra je je eigen afkomst aan de wilgen hangt. Of je het leuk vindt of niet, we hebben allemaal ook Nederlandse of andere Europese voorouders. En de lachende derde die toekijkt hoe verdeeld de Indische gemeenschap is? Juist. 

'De onaantastbare handelsgeest van Nederland spookt nog steeds rond om de kinderen en kleinkinderen van de voormalige kolonie tegen elkaar uit te spelen.'

Ieder z'n feestje
Onze families kenden geen euforie van een bevrijdingsfeest, maar rolden van de ene ellende in een andere. En 15 augustus dan, de dag dat de Japanse bezetter capituleerde, is dat dan geen reden voor een Indisch bevrijdingsfeest? Nou, voor 'ons' is dat meer een dodenherdenking, geen feest. In Indonesië vieren ze hun onafhankelijkheid op 17 augustus. Terechte euforie. Ik gun ieder z'n feestje ook al is het niet het mijne, zowel Nederland als Indonesië. Maar ik hoef er niet zo nodig bij te zijn, dat is ook vrijheid. 

Nederland heeft 75 jaar lang de openstaande schuld aan de Indische gemeenschap genegeerd, waardoor er ook in 2020 niet écht vrijheid gevierd kan worden door Indisch Nederland. Geen excuses, geen rechtsherstel, geen compensatie voor oorlogsschade, enkel 75 jaar struisvogelpolitiek van opeenvolgende kabinetten, met het heilige winstoogmerk nog immer hoog in het vaandel. Want stel je voor dat de Staat daadwerkelijk alles waar die Indo's recht op hebben zou moeten terugbetalen... Poeh poeh, dat zou een aardige duit gaan kosten. Dat kunnen we niet hebben. Dan maar hier en daar in het kader van 'collectieve erkenning' een afkoopsommetje uitdelen, liefst met een irreële peildatum, dat is goedkoper. En verder elke kwestie doodzwijgen. Je komt er tenslotte minstens 75 jaar mee weg. Tel uit je winst.

Vrijheid
De nasleep van de Tweede Wereldoorlog is voor een groot deel van de Indische gemeenschap nog altijd pijnlijk voelbaar. Juist in 2020, waarin 5 mei het stralende middelpunt is en 15 augustus enkel betekenis heeft voor degenen met roots in het voormalig Nederlands-Indië. Zolang de Indische en Molukse kwestie niet wordt opgelost, rest velen dit jaar slechts het gedenken van 75 jaar voortdurende krijgsgevangenschap van ouders en grootouders. 'Vrijheid vieren' blijft dan voor ons 'herdenken'. 

©Anneke van de Casteele



*Indische gemeenschap omvat alle etniciteiten die in de voormalige kolonie aanwezig waren, dus niet alleen Indo's, maar ook Molukkers, Chinezen, Papoea's, Menadonezen, Toegoenezen en vele anderen.

Sigajang Laleng Lipa (ook wel Sitobo Lalang Lipa), Buginees ritueel gevecht uit Zuid-Sulawesi. Beide strijders worden in één sarong gehuld, waarbij een gevecht op leven en dood volgt. Het is het laatste redmiddel om een conflict op te lossen. De uitkomst is allesbepalend: één van beiden kan het overleven, of allebei. De kans bestaat ook dat beide strijders sterven. Na het duel wordt het conflict 'gearchiveerd' en behoort het voorgoed tot het verleden: men mag dus ook geen wrok koesteren. De sarong is een symbool van eenheid in de Bugis cultuur. De essentie in dit rituele gevecht is zelfrespect. Als men geen zelfrespect heeft, wordt men niet als mens beschouwd. Zelfrespect is belangrijker dan het leven zelf.

zondag 14 januari 2018

Het laatste Indische avondmaal

Je moet er toch niet aan denken dat je je geliefde bordje nasi goreng moet missen? En dat je voortaan met een bord aardappelen met andijvie op schoot op de bank naar De Wereld Draait Door zou moeten kijken? Welk een gruwel! Hou op, schei uit. Nee, we mogen ons dan wel 'geruisloos hebben aangepast' in Nederland, maar onze nasi blijft onaantastbaar Indisch erfgoed en dat houden we in ere. Maar zappen naar een TV-programma waarin we wél iets terugvinden van dat erfgoed kunnen we altijd. Tenminste, dat zou leuk zijn.

Diversiteit
Er zijn best weinig Indo's of Molukkers op TV. Papua's, Chinezen of mensen met een andere etnische achtergrond uit de Oost ook niet. Hoe kan dat nou, met de circa 1,7 miljoen Nederlanders wiens roots in het voormalig Nederlands-Indië liggen? Ze zijn er wel, maar we zien ze niet vaak aan tafel bij populaire praatprogramma's. Als dit wel het geval zou zijn, zou televisie-minnend Nederland dan misschien iets meer kennis hebben van onze gezamenlijke koloniale geschiedenis? Misschien zou de kijker zich eerder afvragen waarom hij er vroeger nooit veel op school over heeft gehoord. Of zelfs, in het gunstigste geval, zou men wat meer begrip krijgen voor landgenoten met een andere etnische achtergrond. Het blijft koffiedik kijken. Feit blijft dat er weinig diversiteit te zien is op onze kijkkast, zowel qua presentatoren en gasten als qua topics.

Blinde vlek
Het collectief geheugen van Nederland worstelt met chronische selectiviteit. We willen graag politiek correct zijn, maar we bekennen liever geen kleur. We reizen de hele wereld af naar verre exotische oorden voor een leuk TV-programma, maar we laten de Indische en Molukse geschiedenis in ons eigen land links liggen. We horen of zien zelden mensen uit Indische of Molukse hoek die in veelbekeken prime time-programma's actualiteiten aankaarten. De nog immer etterende wond die in 'onze kringen' bekend is als de backpaykwestie is daar een voorbeeld van. En nu toute Hollande het over 'Me Too' heeft, kunnen we het dan eindelijk eens hebben over de massale uitbuiting van vrouwen door de Japanse bezetter in Nederlands-Indië, de 'troostmeisjes'? Het zijn slechts twee van de vele onopgeloste kwesties die nog steeds actueel zijn, maar die nauwelijks tot geen media-aandacht krijgen. We zijn wel geïnteresseerd in de Paradise Papers, maar wordt het niet eens tijd voor de 'Gordel van Smaragd Papers'? 

De media hebben een blinde vlek als het gaat om het eigen koloniale verleden. Ja, OK, de Gouden Eeuw ligt ver achter ons en is misschien niet zo hip of trendy. Prima. Maar dat Nederland anno 2018 nog steeds weigert om haar eigen staatsburgers of diens erfgenamen de achterstallige soldij uit te betalen over de periode van 3,5 jaar in Japanse krijgsgevangenschap, is een actueel onderwerp dat zowel de nationale als internationale pers had moeten oppikken. Blinde vlekken zijn  blijkbaar hardnekkig.

Er leven haast geen mensen meer
De eerste generatie is al vrijwel weggevaagd door de tand des tijds. Van de 82.000 oorspronkelijke rechthebbenden op de backpay bijvoorbeeld, rest ons nog circa 600 man. En let's face it: de tweede generatie begint ook al aardig uit te dunnen. Nog even en er is niemand meer die nog weet hoe de vork in de steel zat. Wim Kan zei het al over de Birmaspoorweg: 'Er leven haast geen mensen meer die het kunnen navertellen.' Ook daarom is media-aandacht van groot belang.

Onderzoeksjournalist Griselda Molemans gaf onlangs een lezing over de 'Indische repatriëring: feit of propaganda'. Dat aanpassen van de ontheemde gezinnen uit de voormalige kolonie verliep allesbehalve geruisloos. Aan de Indische gemeenschap is door de Staat grof geld verdiend door de jaren heen. En het onrecht duurt nog steeds voort, getuige de laatste actualiteiten. Maar wederom geen aandacht van de prime time praatprogramma's of actualiteitenrubrieken. Dat zappen naar meer diversiteit is nog niet zo gemakkelijk als het lijkt.

Da Vinci
Schrijver Dan Brown verhaalde in zijn bestseller 'The Da Vinci code' ook over blinde vlekken. Men schijnt wel te kunnen 'kijken' naar iets, zonder vaak daadwerkelijk te 'zien' wat er is. Het heeft te maken met ons referentiekader, onze kennis van de wereld om ons heen of met datgene wat ons met de paplepel over die wereld is ingegoten. Brown laat dat zien aan de hand van Leonardo Da Vinci's beroemde muurschildering 'Het Laatste Avondmaal' (1495-1498) in het Santa Maria delle Grazie, een dominicaner klooster in Milaan. 

We kunnen het verhaal in Brown's boek naar het schimmige rijk der fabelen verwijzen of niet, dat is een keuze. Het blijft echter curieus dat hele volksstammen eeuwenlang de vrouwelijk ogende 'apostel' (voor de kijkers links) aan tafel bij onze lieve Heer niet hebben gezien als mogelijk Maria Magdalena, Jezus' vermoedelijke echtgenote. Ook hier geldt: er leven geen mensen meer, die het kunnen navertellen. Wat we wel zouden kunnen doen, is met de moderne technieken die ons ter beschikking staan onderzoeken of er in de loop der eeuwen niet toevallig een '13e apostel' is weggemoffeld van de muurschildering, zodat het plaatje weer klopt. Weggemoffeld, net als het laatste Indische avondmaal van 5,7 miljard euro.

©Anneke van de Casteele



zaterdag 4 maart 2017

'WIJ ZIJN INDISCHE NEDERLANDERS, GEEN INDONESIËRS'

Dinsdagavond was D66 lijsttrekker Pechtold te gast bij Pauw en Jinek. We zagen hem een concurrent doormidden zagen vanwege zijn tegenstrijdige uitlatingen, terecht overigens. We hoorden hem echter ook een fout maken, die hij later op Twitter 'onzorgvuldig' noemde. Hij benoemde de groep van circa 1,7 miljoen Indische Nederlanders namelijk als 'de Indonesiërs'. Indisch Nederland was in rep en roer. Ook terecht overigens.

Had ik kromme tenen toen ik het hoorde? Je kent me, dus: ja. Keek ik ervan op? Nou nee. Pechtold is niet de eerste en zeker niet de enige die ons 'Indonesiërs' noemt (of erger: Nederlandse Indiërs). 

Is het dan Hollandse onwetendheid? Nou, dat zou kunnen. Ware het niet dat Indo's vaak dezelfde fout maken, met name de jongere generatie omschrijft zichzelf vaak als 'Indonesisch' of gebruikt de termen slordig allebei. 

Is het dan gewoon een onschuldige verspreking? Een verspreking is uiteraard te vergeven. Maar onschuldig is het zeker niet. Met één woord wordt de grootste en oudste groep 'Nederlanders met een migratie-achtergrond' in een hokje gedumpt waar zij niet thuishoort. Voor veel Indische Nederlanders (Indo's) weegt zo'n 'verspreking' loodzwaar. 

Na bijna 75 jaar aanwezigheid in Nederland ziet Den Haag ons nog steeds niet. De bekende blinde vlek. Ze weten donders goed dat we er zijn, maar ze willen het niet zien, want dan moeten ze met de billen bloot wat betreft het uitgebleven rechtsherstel. Van ons zijn ze gewend dat we 'zwijgen' en ons 'aanpassen': de aloude misvatting waar Den Haag toch eens van af zou moeten.

Hé, wat is dat nou? De Indo's zwijgen niet meer. Krijg nou wat. Ze laten van zich horen. 'Wij zijn geen Indonesiërs!' Het was alsof ik mijn vader hoorde, zo'n 40 jaar geleden, toen een ambtenaartje van Burgerzaken bij het vernieuwen van zijn paspoort stelde dat hij in Indonesië was geboren. 

'Ik ben geboren in het voormalig Nederlands-Indië, mevrouw, niet in Indonesië.' 

De blonde onnozelheid zelve achter de balie antwoordde met 'dat is toch hetzelfde?' Zij was een beetje dom, sorry Alex (Pechtold, niet Willy). 

Wat onze democratische volksvertegenwoordiger zich niet realiseert - en iedereen die dezelfde fout maakt - is, dat dat ene woord 'Indonesiërs' de reden is dat wij Indische Nederlanders hier in dit land zijn en niet in Indonesië.

Ik ga op deze plek niet voor de zoveelste keer uitleggen wat een Indische Nederlander is. Wat ik wél doe, is aangeven waarom het geen onschuldige verspreking is, maar een fout, een ontkenning en plein public van ons bestaan, onze identiteit en onze geschiedenis, van ons Nederlanderschap. 

In een notendop: het label 'Indonesiërs' gebruiken is beladen. Het rijt oude wonden open. Het 'staat voor' de bersiap, de verkrachtingen en de moordpartijen, de revolutie, de sale guerre die Nederland tot 1949 voerde. Het staat voor de beledigingen, de bedreigingen, de armoede, de werkloosheid vanwege de door Indonesië genationaliseerde bedrijven. 

Het staat voor de vlucht naar het land van de nationaliteit die in het paspoort stond, het voorgoed achterlaten van je geboortegrond, huis en haard. Het staat voor angst en trauma's. Het staat voor de schandalige opvang in Nederland, contractpensions, torenhoge schulden en niet gehoord oorlogsleed. 

Het staat voor uitgebleven rechtsherstel, zoals nooit uitbetaalde soldij en salaris (de backpaykwestie). Het staat voor het leed van onze ouders en grootouders. Het staat voor aanpassen, racisme en discriminatie.

Voor heel veel Indische Nederlanders ligt er dus heel veel besloten in de 'onzorgvuldige' woordkeuze van Pechtold.

Maar misschien nog wel belangrijker: de uitspraak van Pechtold staat voor de afwezigheid van het Indische verhaal in het onderwijs. Als ik zeg 'Indisch' bedoel ik ook Indisch. Door ons verteld, niet door de roze bril met de witte lenzen van Den Haag. Wij kunnen ons verhaal prima zelf vertellen. En dat doen wij al jaren: als u goed had opgelet, had u dat gezien. 

Als het onderwijs ons niet onzichtbaar had gemaakt, zouden Nederlanders hun vaderlandse geschiedenis kennen, dus ook de koloniale geschiedenis. Dan zouden Nederlanders - inclusief de heer Pechtold - weten wie we zijn en dat wij geen Indonesiërs zijn. 

© Anneke van de Casteele

N.B. De groep Nederlanders met roots in het voormalig Nederlands-Indië is zeer divers en bestaat uiteraard uit veel meer etniciteiten dan alleen Indo's. De term 'Indische Nederlanders'  is veelgehoord in de discussie rondom de uitspraak van Pechtold en heb ik gebruikt ter vereenvoudiging.



English translation

‘We are Indische Nederlanders, not Indonesians!’

Last Tuesday night, February 28, 2017, Dutch D66 democrat party leader Alexander Pechtold was one of the guests on TV talkshow ‘Pauw and Jinek’. We saw him verbally wipe out a competitor in the upcoming Dutch elections, because of his contradictory statements, rightly so. However, we also heard him make a mistake, which he later described on Twitter as 'careless'. He referred to the group of approximately 1.7 million Indische Nederlanders (Dutch Indos) living in the Netherlands today, as ‘Indonesians’. The Dutch Indo community was in an uproar. Also rightly so.

Did I cringe when I heard it? You know me, so yes. Was I surprised? Well,  no. Pechtold is not the first and certainly not the only one who calls us ‘Indonesians’ (or worse: Dutch Indians).

Is it Dutch ignorance? Well, that could be very well possible. Were it not that even Dutch Indos often make the same mistake, especially the younger generation often describes itself as ‘Indonesian’ or even uses both terms, carelessly. This is where education comes in.

Is it just an innocent slip of the tongue? A slip of the tongue could be easily forgiven. However, ‘innocent’ it certainly is not. With the use of only one single word, the largest and oldest group 'Dutch with a migration background’, as it is called nowadays, is put into a box where it does not belong. For many Dutch Indos this ‘slip of the tongue’ has grave connotations.

After almost 75 years of our presence in the Netherlands, The Hague still does not see us. It is the well known blind spot. They know full well that we are there, but they do not want to see it, for then they would obviously have to address the never fully realized restitution of justice for the Dutch Indo community. From us, they expect 'silence' and 'assimilation': the ancient misconception that The Hague should really have to get rid of after all this time.

Hey, what's that? These Dutch Indos no longer remain silent. What the hell. They make themselves heard. "We are not Indonesians!" It was as if I heard my father speak out some 40 years ago, when an office worker of Civil Affairs, while renewing my Dad’s passport, stated that my Dad was born in Indonesia.

"I was born in the former Dutch East Indies, Madam, not in Indonesia."

The blonde innocence itself behind the desk replied, "But that's completely the same thing?" She was being a bit dumb, sorry Alex (Pechtold, not Willy).

What our democratic people’s representative does not realize - and anyone who makes the same mistake - is that that the one word 'Indonesians' is the whole reason that we Dutch Indos are here in this country and not in Indonesia.

I am not going to explain for the 1000th time what a ‘Indische Nederlander’ is. What I will do, is indicate why it is not an innocent slip of the tongue to refer to us as Indonesians, but an error, which holds a denial - and in public - of our existence, of our identity and our history, of our Dutch citizenship.

In a nutshell: to use the label 'Indonesians' is not only technically wrong, it is also laden. It rips open old wounds. Using this label ‘stands for’ the bersiap, the rapes and massacres, the revolution, the 'sale guerre' which the Netherlands led until 1949. It stands for the insults, threats, poverty, unemployment due to the Indonesian government nationalizing Dutch companies.

It stands for fleeing to the country of the nationality stated in everyone’s passport, it meant forever leaving your native land, home and hearth. It stands for anxiety and trauma. It stands for the scandalous reception in the Netherlands, boarding houses, skyrocketing debts and the never heard war trauma, starting all over again from scratch.

It stands for the never materialized restitution of justice, such as the never paid KNIL wages and salaries (the back pay issue). It stands for the suffering of our parents and grandparents. It stands for forced assimilation, racism and discrimination.

So, For many Indische Nederlanders so very much is concealed in the ‘careless’ choice of words of Dutch politician Mr. Pechtold.

But perhaps even more important in Pechtold’s decision to call us Indonesians is the absence of the ‘Indisch’ (Dutch Indo) story in Dutch education. When I say ‘Indisch’, I mean Indisch. Our story needs to be told by us, not through the rose colored glasses with the white lenses, worn by The Hague. We are perfectly capable to tell our own story and we have been doing so for years and years. If you would have been paying attention, you would have seen it, Mr. Pechtold.

If Dutch education had not made us invisible, the Dutch people would have known their own country's history, including Dutch colonial history. Then the Dutch - including Mr Pechtold – would have known who we are, why we are here and that we are not Indonesians.

© Anneke van de Casteele

Please Note: Dutch citizens with roots in the former Dutch East Indies have a large variety of ethnicities, far more than only the Indo-Europeans or Indos. The words 'Indische Nederlanders' or 'Dutch Indos' popped up extensively in the discussion and I used these for simplification. 

maandag 16 mei 2016

OMGEKEERD - gedicht

Je handen in je moederschoot,
Je blik respectvol en bedeesd.
Jij gaf hem elke dag zijn brood
En was voor toean vaak bevreesd.

Boog voor hem neder op de grond,
Zo ter aarde neergezeten..
Geen weerwoord kwam ooit uit jouw mond,
Nooit heb jij hem iets verweten.

In rang zelfs lager dan een kind
Dat geen besef had van het leed,
Van ras of kleur of donk’re tint,
Maar dat alleen zijn baboe weet.

Onrecht met paplepels gevoerd,
Voor inlanders geen achternaam.
Zolang de Belanda maar goed boert,
’t Is daarom dat ik mij zo schaam.

Die kleine, frêle bruine vrouw,
Daar zo gezeten op de grond,
Verdient een kruis voor moed en trouw
En als een pleister op een wond;

Een mooi voetstuk om op te staan
En de Hollander mag zitten
Waar jij ooit zat en bent gegaan
Geen macht meer voor de witten.

En ik? Ik zit ertussenin..
Waar hoor ik bij? Wie ben ik dan?
Geen baboe, blanke evenmin.
Wel Indo, die wat dichten kan!

Nederland deed goede zaken.
De rollen zijn nu omgekeerd.
Laat ons samen ervoor waken.
Opdat onrecht nooit meer wederkeert.

***
© Anneke vd Casteele


Foto: gebruikt met vriendelijke toestemming van 
Hans/www.imexbo.nl

maandag 21 maart 2016

VIJFENZESTIG - gedicht

Vandaag, 21 maart 2016, is het precies 65 jaar geleden dat de eerste Molukse KNIL-militairen en hun gezinnen op de Lloydkade in Rotterdam arriveerden. Door de Nederlandse overheid op dienstbevel (!) naar Nederland gehaald voor een tijdelijk verblijf van zes maanden, om daarna terug te kunnen keren naar de hen beloofde vrije Republiek der Zuid-Molukken. 

In plaats daarvan volgde bij aankomst ontslag uit het KNIL en jarenlange erbarmelijke huisvesting in barakkenkampen, waaronder de voormalige concentratiekampen Westerbork en Vught. De Molukse groep werd opzettelijk buiten de Nederlandse samenleving geplaatst en genegeerd. Nederland brak een belofte en probeerde haar Molukse onderdanen die voor volk, vorst, vlag en vaderland hadden gestreden simpelweg te vergeten.

Ter nagedachtenis aan hen die 'dankzij' een politiek spel hun geboortegrond en hun families nooit meer zouden terugzien, heb ik dit gedichtje 'Vijfenzestig' geschreven.

MENA MURIA.

© Anneke van de Casteele


woensdag 4 november 2015

VIJFENTWINTIGDUIZEND BLOEMEN - gedicht


Er gaat geen mooie dag voorbij 
Dat ik jullie niet bewonder 
Hoe opa, oma en ook jij 
Zwaar geleden hebben onder 

Het juk gedragen hebben van 
Een volk dat streed voor Nederland 
En na de oorlog met Japan 
In vorst en koude is beland. 

Vijfentwintigduizend bloemen 
Ik kan ze brengen naar je graf 
Namen zal ik blijven noemen 
Zo komt Den Haag er niet van af 

Wat zovelen werd aangedaan 
Zeventig jaar lang negeren
Altijd zijn jullie doorgegaan
En de waarheid zal regeren!


© Anneke van de Casteele
annekevdcasteele.blogspot.nl