"Schrijven is reizen. Reizen naar verre oorden, andere levens, nieuwe werelden en andere dimensies, maar het is vooral het op reis gaan naar jezelf."
zaterdag 14 augustus 2021
Oprecht
donderdag 10 juni 2021
De Molukse 'Monumentaire' van Coen Verbraak
Dat journalist en historicus Coen Verbraak garant staat voor diepgaande, spraakmakende out-of-the-box kwaliteitstelevisie wisten we. Dat hij de Nederlandse televisiekijker in 4 weken zou weten te winnen voor het Molukse verhaal is ongekend. De documentaire 'Molukkers in Nederland, 70 jaar op weg naar huis' schrijft tv-geschiedenis.
Bij de kladden
Verbraak grijpt de kijker bij de kladden. Subtiel en onverwacht. Net zoals je leraar vroeger ineens achter je stond als je drukker bezig was met alles behalve je werk. 'En nu ga je zitten, mond dicht en luisteren.' Nou, dat hebben we gedaan. En we hebben het geweten ook. Voor de één zijn de beelden een eerste kennismaking, voor de ander betekenen ze herkenning. Eén ding is zeker: ik heb in elk geval 100 keer liever Verbraak voor de klas dan mijn geschiedenisleraar van vroeger.
In de 4-delige documentaire komen Molukkers aan het woord, bekende en minder bekende. Er zijn eerder sporadisch wat documentaires gemaakt over Molukse zaken, maar nooit eerder kwamen Molukkers zelf zo uitgebreid aan het woord. Bovendien rammelde er bij oudere programma's vaak van alles qua historische feiten. Als je een beetje op de hoogte bent van de koloniale geschiedenis, dan zap je bij de zoveelste feitenfout al na een paar minuten met gekromde tenen weg. Maar niet bij 'Molukkers in Nederland'. Daar kijk je ademloos en zonder gebruikelijke plaspauze naar. Verbraaks serie stijgt op historisch vlak ver boven de rest uit. Deze reeks blinkt uit, naast de bewogen persoonlijke verhalen, door de gedegen research van Sylvia Pessireron en Rens Broekhuis, die als een rode draad door de afleveringen heen loopt. Het eindresultaat is niet zomaar een dertien-in-een-dozijn documentaire. Het is een monument van kaliber, een respectvol historisch eerbetoon waar je niet meer omheen kunt. Ik noem het daarom liever een 'monumentaire'.
Onbekend maakt onbemind
Het is toch eigenlijk dieptriest dat het Molukse verhaal bij het Nederlandse publiek vrijwel onbekend is of dat de kennis die men ervan meent te hebben eigenlijk berust op vooroordelen of scheefgegroeide beeldvorming. Onbekend maakt onbemind. Helaas, zo gaan die dingen. Geen enkele ex-kolonisator ziet graag zijn duistere geschiedenis onder ogen en verzwijgt deze daarom liever. Maar Nederland bakt ze wel erg bruin. Dat er 70 jaar gepasseerd is voordat men eindelijk eens naar de ander gaat luisteren is al erg genoeg. Maar dat er 400 jaar overheen gaat en dat men dan nog steeds niet de hand in de eigen koloniale boezem durft te steken, is toch wel bizar. Temeer omdat Molukkers aan het vroegste begin, aan de wieg van de welvaart van Nederland hebben gestaan. Zonder specerijen uit de Molukken geen handel. Zonder Molukkers geen Gouden Eeuw, waar ons land altijd zo prat op gaat - en die mag u best in uw oren knopen.
Gedeelde geschiedenis
Het is geen wonder dat het grote publiek onbekend is met de achtergronden van de aanwezigheid van Molukkers in dit koude kikkerlandje. Molukkers zijn nauwelijks onderdeel van het onderwijscurriculum. En als ze überhaupt in lesstof aan bod komen, komen ze bij lange na niet uit de verf of gaat het altijd weer over de acties van de jaren '70, zonder de voorgeschiedenis, de aanleiding voor de acties, correct weer te geven. Het is sowieso een pijnlijke gemiste kans om de geschiedenis van voormalig Nederlands-Indië, ooit het grootste wingewest van Nederland, geen prominentere plaats te geven in het curriculum. Uiteraard geldt dit ook voor de geschiedenis van de andere (voormalige) kolonies. Dat kan en moet veranderen als we onze gedeelde geschiedenis recht willen doen en elkaar beter willen begrijpen. Met dat 'gedeelde' hebben we nog altijd de meeste moeite. We voelden het niet. Verbraak liet ons heel even die pijn voelen, hún pijn - en dát is nieuw. Laat deze serie vooral een wake-up call zijn voor de Nederlandse regering en met name voor het Ministerie van Onderwijs.
Excuses
We zijn middels de serie getuige geweest van de ronduit schofterige behandeling van de Molukkers door de Nederlandse regering. Wie Molukkers in de vriendenkring of familie heeft, weet echter dat wat we op tv hebben gezien slechts een fractie is van het daadwerkelijke leed dat hen is aangedaan door de Haagse firma List & Bedrog. Een ordinaire handjeklapmissie tussen Nederland en haar destijds nieuwbakken handelspartner Indonesië - met als inzet duizenden mensenlevens die voorgoed zouden veranderen. Officiële excuses zijn hier zeker op zijn plaats. Het bijbehorende zalvende bosje bloemen mag worden vervangen door eerlijk onderwijs en een compensatie. En met dat laatste bedoel ik geen symbolische afkoopsom c.q. aalmoes in de vorm van subsidie, zoals bij de Indische gemeenschap is gebeurd, maar een fatsoenlijke compensatie speciaal voor Molukse gedupeerden.
Perspectieven
De serie 'Molukkers in Nederland' biedt perspectieven voor de toekomst. Mijn onderwijshart gaat sneller kloppen van documentaires als deze. De mogelijkheden om de serie vanaf nu ook te integreren in het voortgezet onderwijs zijn legio. Aangezien Den Haag waarschijnlijk nog wel even doorsnurkt, zijn creatieve docenten onder ons nu aan zet.
De serie biedt echter ook perspectief voor een opvolger. Ik hoop dat de heer Verbraak mij toestaat om een bescheiden suggestie te doen. Er is nóg een vergeten groep in Nederland, afkomstig uit dezelfde voormalige Nederlandse kolonie, die in een enigszins vergelijkbare situatie verkeert: de Papoea's. Net als de Molukken wordt hun land, West-Papoea, op bloedige wijze bezet door Indonesië. Den Haag zwijgt en de rest van de wereld sluit de ogen voor de langzame genocide die zich daar voltrekt. Net als bij de Molukkers is het een kwestie van gebroken beloftes van Nederlandse zijde, transgenerationeel leed en een vrijheidsstrijd die tot op de dag van vandaag doorgaat. Als iemand hun verhaal kan vertellen, dan is het Verbraak.
©Anneke van de Casteele
maandag 1 februari 2021
Aard der Mensen
Of het nu om een oorlog gaat tussen volkeren, rellen tijdens een avondklok of ruzie tussen twee mensen: oorlogs- en vernielzucht zit blijkbaar in de aard van het beestje. We maken er een 'aardige' puinhoop van met z'n allen. En we kunnen het zo leuk hebben met elkaar, hier op onze mooie blauwe planeet. Aard der Mensen - een 'lockdown' gedicht.
©Anneke van de Casteele
P.S. De titel is een knipoog naar het boek 'Aarde der mensen' (Bumi manusia) van Pramoedya Ananta Toer.
zondag 13 december 2020
Kerstgedachten
zaterdag 15 augustus 2020
Bekladding Indisch monument is grafschennis
De bekladding van het Indisch monument in Den Haag, een dag voor de Nationale Herdenking 15 augustus 1945, is in alle opzichten misselijkmakend en laf. De daders hebben duidelijk geen kaas gegeten van de symboliek van dit monument, en nog minder van de eigen geschiedenis, laat staan van hoeveel het monument en de bijbehorende herdenking betekenen voor mensen met roots in de archipel.
De actie heeft vooralsnog het tegenovergestelde effect bereikt. Het valt me op dat mensen juist nog meer gemotiveerd zijn om te herdenken, ondanks deze stunt van een paar eencelligen met een verfbus. Weliswaar wordt het dan herdenken in de eigen omgeving, want dat andere virus is er helaas ook nog.
Zelf heb ik de laatste jaren steeds minder met de fysieke Indiëherdenking, maar dat wil niet zeggen dat ik niet herdenk. Integendeel. Mijn familie herdenk ik ook op andere momenten. Het is belangrijk om de slachtoffers van de Japanse bezetting te blijven herdenken. De geschiedenis van Nederlands-Indië wordt al te vaak weggepoetst. Zoals ik al in eerdere columns zei, heb ik 'de' Indiëherdenking steeds meer kleur zien verliezen. Ik mis de diversiteit van de Indische gemeenschap. Het is een voornamelijk witte aangelegenheid geworden, met kille toespraken van allerlei 'bobo's'. Dezelfde bobo's die verantwoordelijk zijn voor 75 jaar inadequaat beleid op het gebied van o.a. onderwijs, maar vooral qua nooit opgeloste kwesties zoals de backpay.
Ik weet echter dat de herdenking voor heel veel mensen uitermate belangrijk is en dat respecteer ik. Als ik hoor wat mensen hebben doorstaan tijdens (en na) de Japanse bezetting en ik tel daar het oorlogsleed van mijn eigen familie bij op, dan wordt het totaal respectloze van deze actie extra duidelijk.
Troost
Mensen vinden troost bij elkaar, troost tijdens de plechtigheid van de herdenking. Het monument is hun plek. Toen na de oorlog de grote uittocht begon, moest men alles en iedereen achterlaten: ook de overledenen. Ontheemd zijn is geen lolletje. Niet iedereen beschikt over voldoende financiële middelen of een goede gezondheid (getuige de vele rollators en rolstoelen bij de herdenkingen) om in Indonesië of Thailand even de oorlogsgraven van familie te bezoeken. Dan is Den Haag een goed alternatief. Maar daar dachten de actievoerders niet aan.
Ze dachten evenmin aan de pijn die ze vaak toch al getraumatiseerde mensen hiermee hebben bezorgd. Logisch ook, want het slaafs vasthouden aan een op haat gebaseerde ideologie schakelt het empathisch vermogen uit. Het kan hen niets schelen.
Grafschennis
U leest het goed: grafschennis. Men heeft niet alleen de nagedachtenis van oorlogsslachtoffers geschonden, maar min of meer ook fysiek. Aan de achterzijde van het monument is ruimte voor het uitstrooien van as van overledenen. Dat maakt de actie grafschennis.
Het is onvergeeflijk wat er is gebeurd. Het is misschien een schrale troost, maar veel mensen uit de Oost staan open voor spiritualiteit en geloven in karma. Dus dat komt vroeg of laat heus wel goed. Spiritualiteit en respect voor ouderen zijn overgeleverd via onze Indonesische/Molukse voorouders en voorgoed vastgeklonken in ons Indisch DNA. Daar kan geen verfbus tegenop.
©Anneke van de Casteele
woensdag 12 augustus 2020
Handen af van de Indië-herdenking!
Het jaar 2020 zou een belangrijk jaar zijn voor Indisch Nederland. Het is 75 jaar geleden dat er een einde kwam aan de Japanse bezetting van voormalig Nederlands-Indië. Daarmee eindigde ook de Tweede Wereldoorlog voor het koninkrijk der Nederlanden. Helaas markeert 2020 ook het 75e jaar van de niet afgeloste schuld aan de Indische gemeenschap. Het betekent ook 75 jaar van stelselmatig geschoffeerd te worden door de overheid, met als pijnlijke klap op de vuurpijl de excuses van de koning aan Indonesië tijdens het staatsbezoek in maart. De Indische gemeenschap in Nederland daarentegen wacht al 75 jaar tevergeefs op excuses, als dank voor hun loyaliteit aan dit land, vlag en koningshuis.
Het is ook het 75e 'jubileum' van het Indische vechten tegen de Hollandse bierkaai: de staat der Nederlanden heeft zich op alle mogelijke manieren (vooral juridisch) ingedekt tegen claims van gedupeerden en nabestaanden. Google maar eens op ‘backpay’. En dat is slechts één voorbeeld in een beschamend grote collectie staatsblunders.
We kijken terug op maar liefst 75 jaar (over)gedragen oorlogsleed. Leed dat dankzij het 'gedegen' Nederlandse onderwijs niet of nauwelijks bekend is, laat staan dat iemand zonder Indische roots stilstaat bij 15 augustus.
Uitgummen
Het uitgummen van Nederlands-Indië, haar geschiedenis en haar nazaten heeft een nieuw dieptepunt bereikt. Nu moet de Nationale Herdenking 15 augustus 1945 (de Indië-herdenking) eraan geloven. Volgens sommigen is de Indië-herdenking niet meer van deze tijd en nodig aan hervorming toe. Ook Indonesiërs moeten volgens hen worden herdacht. In de uitzending van Nieuwsuur op 11 augustus 2020 werden een paar ‘Indië-kenners’ opgevoerd. Van de heer Bot kan ik me dat predikaat nog voorstellen, maar de andere twee hebben duidelijk de klok horen luiden, zonder te weten waar de klepel hangt. Deze pseudo-kenners spreken in elk geval NIET namens mij en evenmin hebben zij überhaupt enige millimeter mandaat van de Indische en Molukse gemeenschap.
De Indië-herdenking gaat niet over kolonialisme. Hij gaat ook niet over het lot van de romoesja’s (hoe gruwelijk ook) en al helemaal niet over Indonesiërs. Daarvoor moet je bij Indonesië zijn. Soekarno ronselde honderdduizenden romoesja’s voor de Japanners. Ga dat maar eens in Jakarta aankaarten. En als je er dan toch bent, neem dan meteen even de mensenrechtenschendingen van Indonesië mee, de kolonisatie en onderdrukking van de Molukken, West Papoea en Atjeh.
Wit
De Indië-herdenking op 15 augustus hoort 'van ons' te zijn. We herdenken overleden familieleden die onder de terreur van de Japanse bezetter zijn bezweken. We herdenken het leed dat onze families is aangedaan. Dat gum je niet zomaar uit. Voor dat Indisch monument is trouwens jaren geknokt. Pas in 1988 werd het gerealiseerd, 43 jaar na de oorlog. We hebben de Indië-herdenking de afgelopen jaren al steeds witter zien worden. Genoeg is genoeg. Vraagt men zich soms ook af of de 4 mei-herdenking niet meer van deze tijd is? Als je dan zo graag wilt hervormen, dan pas je 4 mei toch aan en herdenk je ook de NSB-ers en Duitsers? Kortom: je blijft met je handen af van de Indië-herdenking op 15 augustus. Hervormen? Inclusiever? Prima: maak de herdenking weer Indisch en geef ruimte aan Molukkers, Papoea's, Chinezen, Toegoenezen en aan alle andere etnische groepen uit Nederlands-Indië die voor hun koningin geleden hebben onder de Japanners en die jarenlang niet werden meegenomen in deze herdenking.
Als de koning straks een toespraak houdt bij het Indisch monument, dan hoop ik dat de kijkers thuis ook even denken aan koningin Wilhelmina. Op 8 december 1941 verklaarde zij de oorlog aan Japan en riep zij de onderdanen in Indië op om te vechten, in de wetenschap dat de krijgsmacht al jaren wegbezuinigd was, waardoor het bij voorbaat een verloren strijd zou zijn.
Denk dan ook even aan de nasleep van de oorlog: aan alle ellende die onze ouders en familie hebben ondergaan, bijvoorbeeld de wanstaltig slechte opvang in Nederland. Om van de opvang van hun Molukse lotgenoten in o.a. ex-concentratiekampen Westerbork en Vught nog maar niet te spreken.
Ach, na 15 augustus gaat iedereen weer over tot de orde van de dag, tot men twee dagen later wat onwetende Indo jeugd met een volmondig 'merdeka' de merah putih ziet posten op instagram. Welkom 75 jaar bersiap.
Boksbal
Hoe vaak en hoe hard moet de Indische gemeenschap nog vernederd en geslagen worden door de Nederlandse overheid? Was op 8 maart jl. niet symbolisch de oorlog verklaard aan de staat? Gaan we nu op 15 augustus de volgende vernedering slikken bij het Indisch monument dat elk jaar minder Indisch wordt, totdat de herdenking verdwijnt en opgaat in 4 en 5 mei? Gaan we door totdat men ons volledig heeft uitgegumd?
Natuurlijk doen we dat. We slikken de vernedering wel weer weg met tjendol en spekkoek. En daarna gaan we naar de pasar malam. Terwijl we eigenlijk op 15 augustus bij dat Indisch monument massaal als een muur om de laatst levenden van onze 1e en 2e generatie zouden moeten gaan staan om hen te beschermen tegen de zoveelste vernedering, tegen de onoprechte toespraken van politici die ons voor het 75e achtereenvolgende jaar hebben ontrecht en genegeerd. Eigenlijk zou, hypothetisch gezien, hén moeten worden verboden om op 15 augustus bij 'ons' Indisch monument in de buurt te komen. Maar dat doen wij niet, want we hebben immers een beleefd, onderdanig imago. En we hebben ons zó netjes aangepast!
Wim Kan zei ooit over de beruchte Birmaspoorweg: "Er leven haast geen mensen meer die het kunnen navertellen." Nog even en er leeft niemand meer die zich de Indische gemeenschap nog kan herinneren. En dat hebben we zelf toegelaten.
©Anneke van de Casteele
zaterdag 20 juni 2020
Hier stond ooit JP Coen
zondag 24 mei 2020
De Pimpel Blues
maandag 4 mei 2020
Bevrijding
Het einde van de Tweede Wereldoorlog was niet op 5 mei 1945, hoe vaak de media het ook als een mantra blijven herhalen. Aan de andere kant van het koninkrijk was het nog ruim drie maanden volop oorlog. En daarna ontketende Nederland er een volgende. Mijn gedoofde fakkel verkeert op 5 mei in het goede gezelschap van mijn uitgeschakelde tv. Ieder z'n feestje.
maandag 9 maart 2020
Euforie (of nie)
Vrijheid is relatief
Dit jaar staat in het teken van 75 jaar vrijheid: 1945 markeert het einde van de bezetting van het koninkrijk. We vieren het einde van de Tweede Wereldoorlog, hoewel de media tot nu toe nauwelijks oog hebben voor de Japanse bezetting van Nederlands-Indië. De nadruk ligt op de bezetting van Nederland door de Duitsers. We zijn het gewend. En als een verdwaalde krant of talkshow er onverhoopt aandacht aan besteedt, wordt er verontschuldigend en vanuit een politiek correcte mea culpa drang van alles bijgehaald dat afleidt van die Tweede Wereldoorlog: van VOC tot Tempo doeloe. Het past bij de beginnersfout van met name derde generatie Indo's (en een handjevol van de tweede) die op zoek gaan naar hun roots of zich er in verdiepen, zich dan een hoedje schrikken van de inktzwarte koloniale geschiedenis en die vervolgens een standpunt zoeken waarmee ze zich veilig aan de 'goede' kant van de geschiedenis willen profileren. Sommigen slaan daar volledig in door. Het kiezen van één kant betekent vaak dat alleen die kant goed is en de andere kant wordt aangevallen. Iedereen wil hetzelfde wiel tot vervelens toe opnieuw uitvinden. Het zet geen zoden aan de dijk. Er zitten altijd meerdere kanten aan een verhaal. Dat heet nuance.
'Niet elke Europese wieg in Indië bevatte een meedogenloze slavendrijver, net zo min als dat elk Indonesisch gezin een moedige vrijheidsstrijder voortbracht of dat elk Japans kind standaard een kampbeul werd.'
Indisch
Wie zich beperkt tot één kant van de geschiedenis, heeft een eenzijdig beeld ervan en doet zichzelf tekort. Je gaat daarmee voorbij aan je eigen geschiedenis en die van de mensen die jou hebben voortgebracht, Europees én Indonesisch. Dat er Indo's zijn die zichzelf niet 'Indisch' willen noemen omdat die term 'koloniaal' zou zijn, is treurig. De oorsprong kan stammen uit een koloniaal verleden waarmee je niet geassocieerd wilt worden. Dat betekent echter niet dat door het mijden van de term 'Indisch' het koloniale deel van je geschiedenis er ineens niet meer is. Door eenzijdig naar de geschiedenis te kijken, zet je jezelf bij voorbaat buitenspel.
Je bent in de eerste plaats natuurlijk gewoon mens, aardbewoner. 'Indisch' is een toegevoegde waarde. Het betekent niet dat je het racistische koloniale systeem van toen niet afkeurt, integendeel. Het getuigt van zelfrespect. Respect voor je afkomst, voor de vechters die ervoor gezorgd hebben dat jij bestaat. 'Indisch' is juist iets om trots op te zijn. Het zegt in een notendop dat je afstamt van moedige vrouwen en mannen die de zwaarst denkbare tegenslagen hebben doorstaan. Het zijn onze (voor)ouders die zich staande moesten houden in een wereld van racisme en apartheid. Het zijn de mensen die Jappenkampen al dan niet hebben overleefd, die eigenlijk twee opeenvolgende oorlogen hebben doorstaan, om vervolgens hier in Nederland 75 jaar lang de underdog te zijn. Het zijn sterke mensen geweest, generatie op generatie. Als er dan toch zo nodig een labeltje op moet, dan draag ik het met trots en respect.
Oorlog, handelsgeest en media
Speel de media niet in de kaart om de aandacht af te leiden van de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië en het daaruit voortvloeiende uitgebleven rechtsherstel van de Indische gemeenschap*. Het afleiden van het oorlogsleed van de Japanse bezetting is een vrijbrief voor de Staat om haar verantwoordelijkheid te blijven ontlopen - en niet te hoeven uitbetalen wat zij de Indische gemeenschap al 75 jaar schuldig is. Ook daarom is het woord 'Indisch' belangrijk.
Blinde vlek
'De onaantastbare handelsgeest van Nederland spookt nog steeds rond om de kinderen en kleinkinderen van de voormalige kolonie tegen elkaar uit te spelen.'









